|
|
|
Wijk bij Duurstede is niet het klassieke Dorestad! Men wordt door historisch Nederland flink in de maling genomen. INHOUD van dit hoofdstuk: 1. Kenmerken! 2. Etymologie! 3. Niet Wijk bij Duurstede! 4. Noormannen! 5. Teksten! 6. Nog een tekst! 7. Audruicq! 8. Plunderingen! 9. Conclusie! Dorestad was een grote en belangrijke stad, in Gallië en direkt aan zee gelegen. De opgravingen in Wijk bij Duurstede, dat ver van de kust aan een smalle rivier ligt, hebben aangetoond, dat het om een vissersplaats gaat met lintbebouwing langs de rivier. Het was geen stad. Dat wordt nu ook erkend door W.A. van Es, dè opgraver van Wijk bij Duurstede. Wijk bij Duurstede was ook geen handelsplaats. Een achterland ontbrak. Zie bij: A.Verhoeven. De in Wijk bij Duurstede aangetroffen steigers die tot ver in de rivier reiken, weerspreken juist de locatie van een belangrijke haven- en handelsplaats. Waarom hebben de bewoners van "Dorestad" zich zoveel inspanning getroost om de Rijnoever voor de functie als handelshaven geschikt te houden? Dit heeft ook dr.W.A. van Es opgemerkt (zie ROB.berichten 1971, 1.I-1.XI), echter de vanzelfsprekende vraag heeft hij niet gesteld. De steigers bereikten een totale lengte van ruim 200 meter, aangezien de Oude Rijn haar stroom steeds meer naar het oosten verlegde! Waarom hebben zij de handelshaven niet verplaatst naar de Lek aan de zuidzijde van het dorp, waar, volgens de traditie een eenvoudigere verbinding met de zee bestond? De vindplaats van deze steigers en de inspanning die men zich getroost heeft om de steigers steeds te verlengen, toont glashelder aan dat de Lek in de 8e eeuw nog niet bestond. Anders had de handel van Wijk bij Duurstede zich wel naar de Lekzijde verplaatst. En als de Lek in de 8e eeuw nog niet bestond (de Lek is immers aantoonbaar pas ontstaan in 1122), wordt tevens aangetoond dat de oorkonde van het jaar 777 waarin de Lockia genoemd wordt waarvan men in Nederland gemakshalve de Lek maakt, geen betrekking op Nederland had. Wijk bij Duurstede was een vissersdorp langs de Oude Rijn. De Lockia is de Loquin in Noord-Frankrijk. Ook blijft de vraag waarom de handel van Wijk bij Duurstede zich niet heeft verplaatst naar Utrecht, waar immers een bisschop zetelde. Volgens de traditie is Utrecht ook nooit door de Vikingen geplunderd. Waarom Utrecht niet en Wijk bij Duurstede wel? Slechts vanwege het toerisme (de VVV is de grote promotor) blijft men de boel bedriegen. Bedrog is "het opzettelijk op arglistige wijze opwekken van van een onjuiste voorstelling". En dat doet men in Wijk bij Duurstede: op arglistige wijze een onjuiste voorstelling opwekken, hoewel men de waarheid kent. In 1628 was men nog van mening dat Wijk bij Duurstede het klassieke Batavodorum was. Ook deze mythe is ondertussen weerlegd! Pas rond 1840 meende predikant L.J.F.Jansen dat Wijk bij Duurstede wel eens het klassieke Dorestad zou kunnen zijn geweest. Dat heeft men nadien zonder verder onderzoek maar aangenomen, mede omdat er van niemand een weerwoord kwam. Zo eenvoudig is de mythe van Dorestad ontstaan.
Dorestad gevonden?? Klik op de afbeelding voor een vergroting. In 1978 heeft Dr.W.A.van Es (directeur van de ROB.) in Spiegel Historiael, speciaalnummer over Dorestad, op blz. 109 toegegeven dat er in Wijk bij Duurstede geen enkel archeologisch bewijs is gevonden voor de determinatie Dorestadum. Na zo'n bekentenis houdt in feite de hele discussie rondom Wijk bij Duurstede op! Binnenskamers heeft dr.W.A. van Es allang toegegeven dat hij met de opgravingen in Wijk bij Duurstede fout zat. Dit niet publiekelijk toegeven getuigt niet van de juiste wetenschappelijke instelling bij Van Es. Dorestad was een kerkelijk centrum van betekenis, met vele kerken, kloosters en geestelijken, wat van Wijk bij Duurstede nooit gezegd kan worden. Alles wat wij van Dorestad weten, staat in Franse kronieken. In Wijk bij Duurstede heeft men geen enkel schriftelijk bewijs van haar vermeende geschiedenis. Ook de archeologie laat er geen twijfel over bestaan: Karolingisch Wijk bij Duurstede heeft nooit bestaan. In een oorkonde uit 779 waarbij de abdij van St.Germain-des-Prés tolvrijheid kreeg van Karel de Grote, wordt Dorestadum genoemd in Francia. Midden Nederland heeft nooit tot Francia behoort. ![]() Janssen was predikant en vanaf 1865 conservator van het Museum van Oudheden te Leiden. Hoewel....., de naam Dorestad komt in zijn rapport aan de minister (17 maart 1842) niet voor. Janssen suggereert op de plaats van de beendergraverijen een "Germaanse Offerplaats". De naam Dorestad wordt in dit rapport niet één keer genoemd. Ook in de door het P.U.G. in 1842 n.a.v. de Wijkse vondsten uitgeschreven prijsvraag (Janssen 1842, 72) komt de naam Dorestad niet voor, evenmin als in Janssens artikel van 1842, dat een nadere uitwerking was van zijn rapport van 17 maart aan de minister. Pas in 1843 na beëindiging van zijn opgravingen bracht Janssen Dorestad - overigens zeer terloops - met de te Wijk bij Duurstede gevonden archaeologica in verband (Janssen 1843, 170-188). Conradus Leemans (professioneel archeoloog in 1842) vermoedde dat dicht bij Wijk de van de Tabula Peutingeriana bekende plaats Levefanum (Levae Fanum) gelegen was en dat de vele beenderen van een Germaanse Offerplaats afkomstig waren. In zijn correspondentie met de minister over de noodzaak tot opgravingen in Wijk bij Duurstede wordt over Dorestad met geen woord gerept. Leemans was er dus duidelijk niet van overtuigd, dat hier het klassieke Dorestad gelegen had. Als Wijk bij Duurstede voor het Romeinse Levefanum wordt gehouden, kan het nooit Dorestad zijn geweest. De Geograaf van Ravenna (die schreef tussen 638 en 678) noemt de twee plaatsen afzonderlijk. Het waren dus twee verschillende plaatsen. Bij Wijk bij Duurstede is het vermeende Romeinse fort overigens nooit gevonden, net zo min als de opgravingen ooit ter plaatse het vermeende Dorestad hebben aangetoond. Het is bovendien opmerkelijk dat Dorestad niet door de Geograaf van Ravenna wordt genoemd in de opsomming van de steden langs de Renus. Dorestad lag dus niet aan de Renus. Dus vervalt ook dit argument dat altijd door de traditionalisten wordt gehanteerd op grond van de verkeerd gelezen oorkonde uit 777. Ergo: Wijk bij Duurstede was niet Dorestad. De Boone wijst er op dat over de ligging van Dorestad, vooral door de opgravingen van Janssen, hartstochtelijk gestreden is. Niettemin hadden reeds veel geleerden van naam (o.a. Van Noorda in 1838) zich voor de identificatie van Dorestad met Wijk bij Duurstede uitgesproken. Bij gebrek aan verdere tegenspraak nam men vervolgens maar aan dat de opvatting dat Wijk bij Duurstede Dorestad juist was. Maar in 1939 was de determinatie Dorestad te Wijk bij Duurstede nog allerminst een zekerheid, getuige onderstaande tekst. "Dorestad, misschien een stad bij het tegenwoordige Wijk bij Duurstede, misschien de gehele streek aldaar. In 834 voor het eerst geplunderd door de Noormannen; aanlokkelijk door de bloeiende handel. Jaar op jaar kwamen de Noormannen terug. In 863 werd Dorestad voorgoed vernietigd". (Bron: K. ter Laan). Zie de bevindingen van andere historici bij Citaten over Wijk bij Duurstede en de Noormannen. Zie ook "de Opkomst van ons land". |
Dorestad is Audruicq (Ouderwijk)! De plaats Dorestad heeft na de verwoesting van de Noormanen een vervolg gekend en was niet, waar men in Nederland altijd van uitging, in 863 volledig verwoest. In verschillende kronieken wordt Dorestad ook na 863 nog steeds genoemd. In een akte uit 898 wordt de reeds vroeger verleende tolvrijheid voor Dorestad bevestigd. Deze akte paste nooit in de Nederlandse interpretatie en is dan ook altijd stilzwijgend onder tafel gehouden. Het oude Dorestad heeft een bewoningscontinuïteit en heet nu AUDRUICQ, een plaats in Frans-Vlaanderen.
G Terug naar boven. De kenmerken van Dorestad. Dorestad(um) was een oude stad, groot en belangrijk, was een castrum, een versterkte stad met zeehaven, lag op de oever van het Almere, in het land van de Friezen, aan de kust aan de monding van de Renus, waar de Engelse monniken aan land kwamen, bezat vele kerken (er worden er wel 55 à 60 genoemd!) en kloosters, veel priesters en nonnen en veel armen, had een eigen muntslag en koninklijke tol, is een periode bisschopsstad geweest en lag in Gallië en in Francia en lag tussen Sainte-Maixence en Amiens èn tussen Colonia (Coulogne) en Atrecht (Arras). Dorestad moet een belangrijke en grote sociale bovenlaag in de bevolking hebben gehad, die over een groot gebied algemene bekendheid genoot. Dorestad wordt door de Geograaf van Ravenna in 670 de hoofdstad van de Fresones genoemd. Aan geen enkele van deze ruim TWINTIG kenmerken in de vele teksten genoemd, voldoet Wijk bij Duurstede. Archeologisch is daarvan in Wijk bij Duurstede ook nooit iets teruggevonden of gebleken. De laatste opgravingen van dr.W.A.van Es in 1994 laten eenzelfde beeld zien als die uit 1978. Men heeft er NIETS gevonden, geen enkel bewijs dat de traditionele visie kan bevestigen. Het ontbreekt in Wijk bij Duurstede ook maar aan één enkel schriftelijk bewijs dat de plaatst ooit Dorestad heette en het vermaarde Dorestad zou zijn geweest. Alle in teksten genoemde kenmerken passen niet op Wijk bij Duurstede. Ondanks alle opgravingen en vondsten is nooit onweerlegbaar aangetoond dat Wijk bij Duurstede het vermaarde en alom bekende Dorestad geweest zou zijn! Zelfs de langdurige en kostbare opgravingen te Wijk bij Duurstede hebben geen enkel bewijs opgeleverd dat het oude Dorestad ter plaatse lag. Integendeel, de opgravingen hebben op spectaculaire manier aangetoond dat zij op essentiële punten afwijken van hetgeen uit de historische bronnen over Dorestad of Dorestadum bekend is. Er is geen spoor van een kerk gevonden, terwijl er meerdere geweest moeten zijn. Door zo'n kapitaal feit te verdoezelen is er gewoon sprake van historisch bedrog. Kijk voor de ware feiten over deze opgraving bij "Opgravingsverslag van Wijk bij Duurstede" in Spiegel Historiael van april 1978. G Terug naar boven. De etymologie van Dorestad. "Als we in 1320 Wiic bi Duerstede vinden, wat wordt met dat Duerstede dan aangeduid? Niet de voormalige, weggespoelde Romeins-Merovingische kern en ook niet de stad zelf, maar enkel en alleen het kasteel, dat in de 13e eeuw ten westen van de stad gebouwd was. Alle middeleeuwse teksten bewijzen, dat men alleen het kasteel Duerstede noemde, doch de stad alleen Wijk heette....". (Bron: D.P.Blok en A.C.F.Koch). Dit citaat geeft, waarschijnlijk niet zo bedoeld, een zeer juiste probleemstelling inzake de identificatie van het oude Dorestadum. Helaas zijn de schrijvers aan de principiële vraag voorbijgegaan, op welke gronden en met welk recht rond 1840 de identiteit van Dorestadum te Wijk-bij-Duurstede is aangenomen. Van buitengewoon belang is hun stelling (de teksten wijzen het trouwens onverbiddelijk uit), dat "bij-Duerstede" een 14e eeuwse toevoeging bij de naam Wijk is geweest. Ook hier zat prof.D.P. Blok dichter bij de waarheid dan hij blijkbaar wist! In het archief van Wijk bij Duurstede komt de naam "Duurstede" vóór de 14e eeuw niet voor! De plaats heette toen gewoon Wic of Wijc(k). Daarmee wordt onweerlegbaar aangetoond dat er geen continuïteit heeft bestaan in de naam Dorestad-Duurstede en dat de mythe van Dorestad pas na de 14e eeuw is ontstaan. "Dorestad als plaatsnaam is in Nederland een opmerkelijk gegeven. Er zijn in Nederland geen andere vergelijkbare namen. De naam heeft betrekking op een riviermonding. De naam is ontstaan in een Romaanstalige omgeving, Keltisch van oorsprong, ontstaan in een streek waar Keltisch en Germaans in nauw contact met elkaar stonden. De ontwikkeling van de naam loopt in grote lijnen parallel aan die van het Picardisch en is vergelijkbaar met equivalenten van een proto-Picardisch. De palatisering van de -g- in "castro Duristate Frigiones" uit de eerste helft van de 8e eeuw werd, met een verwijzing naar het literair Oudfrans en modern Frans, ongedaan gemaakt." (Bron: L.Toorians). Wat Lauran Toorian in dit artikel schrijft, met verwijzingen naar de bevindingen van P.Schrijver, weerlegt de Nederlandse traditionele opvattingen en sluit naadloos aan bij de opvattingen van Albert Delahaye. Verwijzingen naar het Oud-Frans, modern Frans en Picardisch wijzen dan ook feilloos de juiste streek aan waar een Romaanse naam als Dorestad thuishoort. Het blijft verwonderlijk dat de Nederlandse historische wetenschap aan achterhaalde opvattingen blijft vasthouden. Het is duidelijk dat de naam Dorestad in Nederland niet thuishoort, maar in Noord-Frankrijk in het gebied van de taalgrens. En precies daar nu ligt Audruicq, aan de monding van de Franse Aa aan het Almere, op de taalgrens, in Keltisch gebied (Gaelic-Gallië) vlak bij Picardië. Verder schrijft L.Toorians in dit artikel dat "De 'oplossing' die Blok en Koch voorstellen met betrekking tot de naam Dorestad (zie hiervoor), is een dertiende eeuwse herinterpretatie op basis van uitsluitende schriftelijke bronnen. "De naam en uitspraak zouden sinds 950 volledig in de vergetelheid zijn geraakt, om pas in de 13e eeuw uit de archieven te worden opgediept om in een 'in het kader van de feodale naamgeving' passende naam Duurstede voor het kasteel te leveren". Ik acht hem toch minder waarschijnlijk dan haar bedenkers, die hem zelf omschrijven als 'elegant', zo schrijft L.Toorians. De 'elegante' oplossing van Blok en Koch is feitelijk een onbewezen bedenksel, ontsproten aan aan ruime fantasie. Dit is geen wetenschap, maar slechts fabellogie te noemen. G Terug naar boven. Wijk bij Duurstede is niet het oude Dorestad! (Bron: ROB.bericht jrg.41). In het artikel "Houseplans from Dorestad", erkent dr. W.A. van Es dat: In het betreffende artikel in Berichten van de ROB. (1995) is steeds tendentieus sprake van "Dorestad". Dat hier het oude Dorestad gelegen heeft, moest nu juist bewezen worden met de opgravingen. En dat is niet gelukt. "De gevonden huisplattegronden zijn allemaal die van boerderijen", schrijft Van Es in dit artikel, waarmee de handelsnederzetting wordt teruggebracht tot een gewone boerennederzetting van jagers en vissers, precies zoals de Kroniek van Kamerijk dat in 1018 beschrijft. In het zogenaamde havengebied, waar dus die internationale handelshaven gelegen zou hebben, is al helemaal nooit een huisplattegrond teruggevonden. Die zijn allemaal weggespoeld (!?). Weggespoeld? Terwijl de rivier zich steeds verder van de nederzetting af verplaatste, waardoor de steigers steeds verlengd moesten worden. Hoezo weggespoeld? Wijk bij Duurstede voldoet helemaal niet aan wat in de schriftelijke bronnen over Dorestad vermeld wordt. De Merovingische voorloper is beslist een voorwaarde, immers Dorestad wordt al in 625 een beroemde stad genoemd. De archeologie van Wijk bij Duurstede begint op zijn vroegst ruim 100 jaar later, vermoedelijk zelfs later, want het bepalen van een datering blijkt niet de sterkste deskundigheid bij de ROB. te zijn. Zo wordt het gevonden aardewerk als 9e eeuws gedateerd. Maar vergelijkbaar Pingsdorf-aardewerk wordt in Duitsland (waar het vandaan kwam) steeds 100 jaar later gedateerd, dan Van Es het in Wijk bij Duurstede dateert. Bron: A.Verhoeven. De datering van Van Es is vooringenomen en afgeleid van de geschreven bronnen. Nu blijkt dat de geschreven bronnen niet over Wijk bij Duurstede gaan, staat ook de datering van Van Es op losse schroeven. Een enkele wanhopige historicus probeert te bewijzen dat Dorestad in de Merovingische tijd al bestond met één gevonden munt van Madelinus. Madelinus was een Franse muntmeester in Dorestad en Trith-Saint-Léger bij Valenciennes. Munten van Madelinus zijn over het hele Frankische rijk gevonden. Wat ze elders niet bewijzen, dat ter plaatse Dorestad lag, bewijst die ene munt ook niet in Wijk bij Duurstede. Met munten kan men overigens feitelijk niets aantonen, aangezien munten per definitie bestaan bij de gratie van verplaatsbaarheid. G Terug naar boven.
Volgens Albert Delahaye is Dorestad de plaats Audruicq (Ouderwijk in het Vlaams), Andoverpum is de aanwerp (van de zee, waar later Calais ontstond) en is Witlant de plaats Wissant, waar het zand door de aanwezigheid van de krijtrotsen wit is. De Mosae was de Moze, een van de vele beken en kreken die in dit moerasachtige gebied in Frans-Vlaanderen lagen. De Fresones woonden in Frans- en Belgisch West-Vlaanderen. Men begrijpt eveneens onmiddellijk, waarom de Noormannen erop gebrand waren deze havenplaats en haar omgeving in handen te krijgen, die zij al bij hun eerste invasie in Frankrijk tot doelwit hadden. De berichten laten herhaaldelijk weten en zeggen het soms onomwonden, dat de Noormannen het gebied van Dorestadum in handen wilden hebben om er een blijvende basis te vestigen voor hun aanvallen op het centrum van het Frankische rijk. Deze dolk op het hart van Francia lag in het noorden van Frankrijk en niet in het midden van Nederland, waar een bezetting van Wijk bij Duurstede een opluchting voor de Franken zou hebben betekend. In het algemene beeld van de aktiviteiten van de Noormannen in het Frankische rijk valt hun zogenaamd optreden in het midden van Nederland zelfs buiten elk militair of territoriaal verband. De Franse historici stellen de definitieve bezetting van Tournehem en omgeving op het jaar 857, precies hetzelfde jaar dat de dokumenten van het bisdom van St. Willibrord de verwoesting van Trajectum en de vlucht van de bisschop meedelen. Van plunderingen in Utrecht door de Noormannen is nooit iets gebleken, tekstueel niet en archeologisch niet. Zie bij Citaten. G Terug naar boven. Enkele detail uit teksten, die in Wijk bij Duurstede nooit gepast hebben: Uit bovenstaande teksten blijkt dat de traditionele opvattingen over Wijk bij Duurstede geheel onhoudbaar zijn. Volgens de traditie is Dorestad in Nederland (te Wijk bij Duurstede) in 863 definitief ten onder gegaan. In een akte van Koning Zwentibold uit 896, waarin de rechten en vrijheden te Dorestad worden genoemd, kan het dus niet over Wijk bij Duurstede gaan. Dorestad bestond immers niet meer volgens de Nederlandse traditie. Het is ook nooit aannemelijk gemaakt dat een stad halverwege de kronkelige Kromme Rijn gelegen uit kon groeien tot een "wereld"beroemde zeehaven. Waarom werd Utrecht dat niet, dat eerder bereikt wordt vanuit zee en dat bovendien een bisschopszetel had? (Volgens de traditie). In tegenstelling tot de gangbare opvatting was Dorestad geen handelsnederzetting met een verzorgende functie voor een achterland. Dat wordt tegengesproken door de gegevens over het gevonden aardewerk. Een echte stad was het niet. (Bron: A.Verhoeven) Dit is dus een zeer belangwekkende constatering van Verhoeven, wat onmiskenbaar het gelijk van Albert Delahaye inzake Wijk bij Duurstede aantoont. Hoewel Verhoeven Wijk bij Duurstede steeds traditioneel en foutief Dorestad noemt, spreekt hij de gangbare opvattingen radikaal tegen. Hij concludeert dat, op grond van het aangetroffen aardewerk, Wijk bij Duurstede geen handelsnederzetting geweest is. In Wijk bij Duurstede hebben geen pottenbakkerijen bestaan, slechts kleinschalig werden potten gemaakt voor eigen gebruik. Ook ontbreekt voor Wijk bij Duurstede een achterland, volgens Verhoeven. Maar wat nog belangrijker is, de voorgeschiedenis van Wijk bij Duurstede ontbreekt. G Terug naar boven.
|


