Boeken bestellen. Bibliografie A.Delahaye.

Inleiding deel 1.

Er is altijd twijfel geweest over een aantal opvattingen over de geschiedenis van ons land in het eerste millennium. Zie bij twijfel
Degene die dit ontkent is niet terzake deskundig, want die kent de authentieke bronnen niet.

Naarmate de wetenschap vorderde nam de twijfel eerder toe dan af. Steeds meer onderzoek toonde aan dat de geschiedenis van ons land gebaseerd is geweest op een aantal onbewezen en aangenomen uitgangspunten.

Met name het archeologisch onderzoek als een herziening van de interpretaties ervan, maar ook het schriftelijke bronnenonderzoek toonden grote onvolkomenheden aan in de uitgangspunten van de aangenomen geschiedenis van ons land in het eerste millennium.


De traditonele historische wetenschap heeft gefaald.

Het is onbegrijpelijk en getuigt van een weinig wetenschappelijke aanpak dat de Nederlandse historici blijven vasthouden aan de Nederlandse opvattingen, terwijl de buitenlandse historici deze faliekant tegenspreken.

Alle buitenlandse historici plaatsen de aankomst van St.Willibrord op het vasteland van Europa in Gravelines in Frans-Vlaanderen. Alleen de Nederlandse historici blijven vasthouden aan Katwijk.
Ook in Echternach waar St.Willibrord begraven zou zijn, hanteert men Gravelines als zijn aankomstplaats.
In datzelfde Gravelines draagt de parochie èn de kerk het patronaat van St.Willibrord.
En als dan bekend is uit de schriftelijke bronnen dat St.Willibrord na zijn oversteek uit Engeland meteen in zijn missiegebied was, lag dat missiegebied ook in Frans-Vlaanderen en niet in Nederland.
En als het beginpunt van het missiewerk van St.Willibrord verandert, verandert daarmee ook de rest van zijn missiewerk en zijn missiegebied. Dan is de locatie in Nederland en zijn klooster in Echternach een farce, een klooster dat overigens pas sinds 974 bestond. Over deze discrepantie hoor je de Nederlandse historici niet.


Het is onbegrijpelijk dat de Nederlandse historici nooit onderzoek hebben gedaan naar wat in het buitenland beweerd wordt over 'onze' geschiedenis. Maar is het wel 'onze' geschiedenis die in die Franse bronnen staat?


Ondanks dat aangetoond is dat de uitgangspunten van de historische wetenschap fout zijn, blijft men tegen beter weten in vasthouden aan de traditionele opvattingen.

De archeologie toont glashelder aan dat:
  • Julius Caesar nooit in België is geweest en al helemaal niet in Nederland;
  • de limes langs de Rijn geen verdedigingsgrens was tegen Germaanse invallen, maar een bewaakte transportroute;
  • er in de tijd van St.Willibrord geen bewoning was in Utrecht en verre omgeving;
  • Dokkum in de tijd van Bonifatius niet eens bestond;
  • Karel de Grote nooit een paleis heeft gehad in Nijmegen;
  • het graf van Karel de Grote niet in Aken was;
  • er in Wijk bij Duurstede niets gebleken is van omvangrijke plunderingen door de Noormannen;
  • de Noormannen nooit in Nederland zijn geweest;
  • het grote volk der Friezen nooit in Friesland kan hebben gewoond op die paar terpen.
    Dan is duidelijk dat de aangenomen geschiedenis van ons land in het eerste millennium volkomen fout is. Zeker omdat deze geschiedenis steeds gebaseerd is geweest op bovengenoemde uitgangspunten!

    Ofwel:

    Als Julius Caesar nooit in Nederland is geweest, dan dienen alle daarvan afgeleide aannames herzien te worden. Dan was de Renus niet de Nederlandse Rijn en de Betuwe niet het eiland der Bataven. Dan heeft de Peutingerkaart met alle daarin genoemde plaatsen in de Patavia geen betrekking op Nederland.

    Als het nieuwe paleis van Karel de Grote NIET in Nijmegen stond, maar in Noyon, dan dienen alle daarvan afgeleide foutieve opvattingen herzien te worden.
    Dan was Nijmegen dus niet het Karolingisch Noviomagus, maar ook niet het Romeins Noviomagus. Want Romeins en Karolingisch Noviomagus waren dezelfde plaats. Daarover bestaat geen enkele onzekerheid.

    Als dit nieuwe paleis in Noyon stond, dan woonden de Bataven in Noord-Frankrijk, dan moeten ook daar de Friezen, Franken en Saksen geplaatst worden en met hen de vele predikers uit het eerste millennium die men abusievelijk in Nederland of Noord-Duitsland heeft gedacht.

    Dan was Utrecht niet het Trajectum van St.Willibrord en Wijk bij Duurstede niet Dorestad. Dan was Dokkum niet de plaats waar Bonifatius vermoord werd en waren de Noormannen nooit in Nederland.

    Dan heeft de oorkonde uit het jaar 777, waar veel plaatsen in Nederland hun geschiedenis mee laten beginnen, geen betrekking op Nederland.

    Nog enkele feiten:

  • De Romeinse "Limes Germanicus" lag op de taalgrens!
  • Het paleis van Karel de Grote met de naam Noviomagus lag aan de rivier de Oise!
  • St.Willibrord was bisschop in Frisia dat aan zee lag waar men de overkant (Engeland) kan zien!
  • St.Bonifatius werd vermoord in de pagus Dockinchirica in Francia!
  • De Renus is een rivier in Gallia waar men op Brittannia uitziet (zie bij Renus).

    "Stond het nieuwe paleis van Karel de Grote in Nijmegen of in Noyon?"



    Met deze allesomvattende vraag zitten we in de kern van de hele problematiek van de geschiedenis in het eerste millennium.
    Als dit paleis NIET in Nijmegen stond, maar in Noyon, dan dienen alle daarvan afgeleide onjuiste opvattingen -en dat is de hele geschiedenis in het eerste millennium vanaf de Romeinse tijd- losgelaten te worden. Immers:
  • dan was Nijmegen dus niet het Noviomagus van karel de Grote, maar ook niet het Romeinse Noviomagus;
  • dan gaat de Peutingerkaart ook niet over Nederland en hebben alle daarop voorkomende namen geen betrekking op ons land;
  • dan woonden de Bataven ook niet in de Betuwe;
  • dan was Utrecht ook niet het Trajectum van St.Willibrord en werd Bonifatius ook niet bij Dokkum vermoord;
  • dan plunderden de Noormanen ook niet in ons land en was Wijk bij Duurstede niet het vermaarde Dorestad dat in Gallië lag;
  • dan had de oorkonde uit 777 geen betrekking op Nederland;
  • dan was de Rijn ook niet de Romeinse Renus en
  • dan woonden de Germanen en nadien de Saksen ook niet in Duitsland en woonden de Friezen niet in Friesland.

    De feiten omtrent het paleis te Noviomagus van Karel de Grote.
  • Feit 1: In 768 worden Karel de Grote en zijn broer Karloman beiden tot koning van de Franken gekroond. Karloman in Soissons, Karel de Grote in Noviomagus, op dezelfde dag (9 oktober) en hetzelfde uur. Dit vanwege de onderlinge rivaliteit tussen beide broers. Dit Noviomagus was Noyon, daarover bestaat geen enkele onzekerheid.
  • Feit 2:Karloman betrekt de residentie Noviomagus (en dit is onbetwistbaar Noyon), Karel de Grote die van Quierzy, zijn geboorteplaats.
  • Feit 3:In 771 overlijdt Karloman en wordt Karel alleenheerser.
  • Feit 4:Kort nadien begint Karel de Grote met de bouw van een nieuw paleis te Noviomagus, dat hij in 777 betrekt.

    Om van dit Noviomagus, waar het nieuwe paleis stond, plots Nijmegen te maken, moet men met ijzersterke bewijzen komen. En die bewijzen ontbreken volledig. Alles wat in het verleden als "bewijs" werd aangevoerd, is door Albert Delahaye op eenvoudige wijze weerlegd.

  • Feit 5: In de bodem van Nijmegen is nooit iets gevonden van dat paleis van Karel de Grote, geen steen, nog geen scherf. De archeologie toont onweerlegbaar aan dat het paleis NIET in Nijmegen stond. Van de zogenoemde Karolingische Kapel is inmiddels aangetoond dat deze uit de 11e eeuw stamt.
  • Feit 6: In de bodem van Nijmegen is ook nooit iets gevonden van enige bewoning in de Karolingische tijd. En dat paleis van Karel de Grote zal er heus niet alleen hebben gestaan.
  • Feit 7: In en rond Nijmegen ontbreken een kerk of parochie en domeinen, essentiële onderdelen van een Karolingische palts. Zonder kerk en zonder domeinen kan een Karolingische palts niet bestaan hebben. Rondom Noyon zijn er vele. De kathedraal van Noyon (1145-1200) is, op die van Sens (1135) na, de oudste gotische kathedraal van Frankrijk, met een voorgeschiedenis tot in de 5e eeuw.
  • Feit 8: In Nijmegen en verre omgeving is ook nooit iets gebleken van bestuurlijke handelingen, van relaties en handel met andere steden. Nijmegen was -volgens Het Bronnenboek van Nijmegen- de enige stad in de verre omgeving en lag er dus maar een beetje verlaten bij.
  • Feit 9: Van alle bestuurlijke en kerkelijke handelingen -die er dus niet waren- is ook geen enkele oorkonde of acte teruggevonden. Geen enkel verslag. Het archief in Nijmegen vertoont een angstavllige leegte en begint pas in 1192.
  • Feit 10: Het Noviomagus waar het nieuwe paleis werd gebouwd, was de "Urbs Regalis" waar de Frankische koningen sinds de Merovingen verblijf hielden. Het is de plaats Noyon, die een continuïteit heeft vanaf 100 v.Chr.
    Zou het Nijmegen zijn geweest dan betekende het dat Karel de Grote, die sinds 798 veel in Aken verbleef, nooit meer in het centrum van zijn rijk geweest zou zijn. Voor een Karolingisch vorst onbestaanbaar.
  • Feit 11: Het paleis van Karel de Grote te Noviomagus werd in 1047 door de Vlamingen verwoest op hun veldtocht naar Verdun, de stad die ook verwoest werd. Dit Noviomagus was onmiskenbaar de stad Noyon. En als het paleis in Noyon werd verwoest, moet het daar dan ook niet eerst gebouwd zijn? Het paleis werd niet door de Noormannen verwoest, wat men er in Nijmegen zo graag van maakt. Daarvoor ontbreekt elk bewijs.
  • Feit 12: In 1155 herstelt Frederik Barbarossa het "bouwwerk van de Romeinen, dat tot niets was vervallen", zoals hij dat zelf laat optekenen. Op de gedenksteen die hieraan herinnert noemt hij Karel de Grote niet, wat onbestaanbaar is voor zo'n fanatiek navolger als Frederik Barbarossa was. Daarmee is duidelijk dat hij wist dat Karel de Grote nooit een paleis in Nijmegen heeft gehad. Hij zou beslist vermeld hebben dat hij de opvolger van zijn grote voorbeeld en voorganger was, zoals hij dat in Aken wel deed.

    De grote verwarring!
    Elk kind leert ze op de basisschool, die feitjes die elke Nederlander kent: "De Romeinen in ons land die rond 400 werden verdreven door invallen van de Germanen: de grote Volksverhuizing"; "St.Willibrord kwam in 690 in Katwijk in ons land aan en werd bisschop van Utrecht"; "St.Bonifatius werd in 754 bij Dokkum vermoord"; "Karel de Grote bouwt een nieuw paleis in Nijmegen"; "De Noormannen vallen ons land aan". Ook al staat het in de schoolboekjes, is het wel zo? In schoolboekjes staat wel meer dat onjuist is. De werkelijkheid is anders!

    In de geschiedenis van ons land in het eerste millennium zoals die hierboven heel summier wordt samengevat, staan veel onjuistheden. Die zijn er in gekomen door niet zake kundige goedwillende amateurs, die meenden de latijnse teksten van klassieke Griekse en Romeinse schrijvers te begrijpen. Zij schreven daarmee een geschiedenis voor ons land die, bij nadere beschouwing, onjuist bleek te zijn. Ondanks aantoonbare onjuistheden bleven latere historici , maar ook hedendaagse, de fabels en mythen van de vroegere amateurs als de enige waarheid beschouwen.


    St.Bonifatius, St.Willibrord, Karel de Grote en de Noormannen zijn voor de Nederlandse geschiedenis volkomen legendarisch. Ze zijn nooit in Nederland geweest.

    De geschiedenis van ons land begint in de 10e eeuw.

    In de periode van 50 tot 250 na Chr. is een klein deel van ons land door Romeinen bezet geweest. Door de toenemende overstromingen zijn de Romeinen rond 250 n.Chr. vertrokken, want ze
    "hadden daar kennelijk geen antwoord op en hebben de zaak maar laten gaan". Aldus een letterlijk citaat van dr.D.P.Blok, een van de felste opponenten van Albert Delahaye in zijn boek "De Franken in Nederland". Blok geeft Delahaye hier gewoon gelijk in zijn opvattingen en ondergraaft daarmee de traditionele geschiedenis van Nederland, waarbij de Romeinen wegens de invallen van Germaanse stammen vertrokken zouden zijn.


    St.Willibrord - Karel de Grote - De Noormannen: foutief in Nederland geplaatst.




  • De opkomst van ons land.

    Pas in de 10e eeuw komt vanuit het zuiden de bewoning langzaam op gang en neemt de nieuwe bevolking bezit van de drooggevallen gronden. Zo begint de geschiedenis van ons land.
    Dat is ook de reden dat geen enkele stad in Nederland ouder is dan zo'n 1000 jaar. Ook Nijmegen niet dat ruim 8 eeuwen mist in het eerste millennium. Maastricht is de enige uitzondering, maar kan nauwelijks een "Hollandse" stad genoemd worden.

    Tussen de 3e en 10e eeuw was west- en noord-Nederland één groot moeras- en waddengebied. Er was geen bewoning, wat de archeologie ook aantoont. De veronderstelde geschiedenis uit die periode over de Fresones, Dorestadum en Trajectum, over de Bataven en merovingisch Noviomagus kan zich in dit overstroomd gebied niet hebben voorgedaan.

    De geschiedenis van ons land vanaf de Romeinse tijd tot in de 11e eeuw, heeft zich altijd gekenmerkt door veel vraagstukken. Zie het hoofdstuk over Twijfel. De problemen die zich voordeden zijn vooral van geografische aard, die natuurlijk ook historische consequenties hebben.
    De historische geografie van de Nederlanden uit het eerste Millennium was gebaseerd op een aantal veronderstellingen, waarvan blijkt dat die onjuist waren. Er is eerder getwijfeld aan de juistheid van een aantal "zekerheden", omdat steeds duidelijker bleek dat niet alleen de archeologie, maar ook talrijke geschreven bronnen deze "zekerheden" tegenspreken.

    Een voorbeeld van een tegenspraak met een aangenomen zekerheid wordt gevonden in een tekst over het paleis van Karel de Grote in Noviomagus, en de plundering door de Noormannen.

    "Wat zal er geworden van Beauvais? Wat van Noviomagus en de andere voornaamste steden van Gallië? Moeten zij allen ten prooi vallen aan de aanvallen van de Noormannen?"
    Bron: Chronicon S. Maxentii, HdF, XI, p. 216 (Tekst 247 in De Ware Kijk Op).

    Deze tekst toont duidelijk aan dat Noviomagus in Gallië lag (vlakbij Beauvais) en door de Noormannen is geplunderd. In Nijmegen is van die plunderingen nooit iets is teruggevonden, evenmin van een paleis. Dan zijn vragen gerechtvaardigd als: "Heeft het paleis dan wel in Nijmegen gestaan?" en "Hebben de Noormannen wel ons land geplunderd?"
    Het is dan ook wetenschappelijk gezien onbegrijpelijk dat deze tekst uit 850 in het Bronnenboek van Nijmegen (zie bij "Bronnenboek") ontbreekt. Vanuit de bedoeling van de samenstellers van Het Bronnenboek echter, is het wel begrijpelijk dat deze tekst ontbreekt. Deze ene tekst - en er zijn er talloze meer- spreekt de traditionele opvattingen glashard tegen.


    De meest diepgaande fouten zijn voortgekomen uit de misvatting van wat Renus betekent.
    Er is een onmiskenbaar verschil tussen de Gallische of Romeinse Renus (zie bij Renus) en de huidige Duitse en Nederlandse Rijn. Het idee dat het dezelfde rivier in hetzelfde stroomgebied zou zijn geweest, moet worden losgelaten.

    ----------->zie verder bij "Inleiding deel 2"!