Terug naar de beginpagina. Naar het overzicht in het kort.

Noormannen in de Lage Landen.


Klik op het boek om hier meer over de ware geschiedenis van de Noormannen te lezen.

"Over de Noormannen zijn al bibliotheken vol geschreven. Over de Noormannen in onze eigen streken is echter nagenoeg niets verschenen. Dit schitterend geïllustreerde standaardwerk voorziet in deze leemte", aldus een citaat uit een persrecentie.

"De heidenen hebben Walcheren verwoest en veel vrouwen in gevangenschap afgevoerd, samen met onmetelijke hoeveelheden rijkdommen van allerlei aard."

"In navolging van middeleeuwse monniken, zien we de Noormannen vaak nog steeds als duivelse plunderaars uit het noorden. Maar om de bonte stoet van kooplieden, ballingen en allerhande avonturiers zo af te schilderen, is te simpel. In dit boek wordt het eenzijdige beeld van plunderende heidenen genuanceerd."

"Luit van der Tuuk geeft een levendig beeld van deze even roerige als onderbelichte periode uit onze geschiedenis. Hij schetst de samenleving van de bewoners van de Lage Landen en van de Noormannen; het politieke krachtenveld van de omliggende landen; de expansiedrift van de Noormannen. Zijn tekst wordt schitterend geïllustreerd met authentieke citaten en veel uniek beeldmateriaal. "

"Luit van der Tuuk is amateurhistoricus en geldt als expert op het gebied van de Noormannen in de Lage Landen. Hij heeft reeds diverse publicaties op zijn naam staan."

Aldus enkele citaten uit persrecenties.

Maar een zorvuldige analyse van dit boek, geeft toch een ander resultaat, die er in het kort op neer komt:
1. er bestaat in Nederland geen enkele authentieke tekst over de invallen van de Noormannen alhier. Alle teksten die hiervan melding maken komen uit het buitenland en vermelden dat duidelijk dat het over 'de onzen' gaat.
2. er bestaat in Nederland geen enkel archeologisch bewijs voor die invallen of de aanwezigheid van de Noormannen hier. Veel gevonden schatten van de Noormannen bleken bij nadere beschouwing vals of verkeerd gedateerd. Zie bij Citaten en Dorestad.

Van der Tuuk bevestigt beide stellingen met dit boek. Zie hiernaast voor de bevindingen.



Noormannen in de Lage Landen, Handelaren, huurlingen en heersers.
Met dit boek uit 2008 wil Luit van der Tuuk een ander licht werpen op de traditionele opvattingen over de Noormannen.
En dat doet hij inderdaad. Het is onvoorstelbaar dat iemand die zoveel weet over de Noormannen, met een boek durft te komen met zo'n groot "Ivanhoe-gehalte" (om zijn eigen woorden te gebruiken).


Blader je dit boek vluchtig door, dan vallen inderdaad meteen de vele afbeeldingen en foto's op. Maar een analyse naar de herkomst van die foto's geeft een ander beeld. Bij slechts 17% van de afbeeldingen wordt Nederland als herkomst vermeld, waarvan 9% uit Wijk bij Duurstede, het zogenaamde Dorestad. En daar is al heel wat op af te dingen. Zie bij Dorestad. De overige 83% zijn afbeeldingen afkomstig uit het buitenland, van onbekende oorsprong, of uit een geheel andere tijd of zijn zelfgemaakte kaartjes en tekening. Deze laatste zijn uiteraard aangepast aan de opvattingen van Van der Tuuk, maar hebben weinig te maken met de historische werkelijkheid.
Uit de hoeveelheid afbeelding uit het buitenland blijkt al dat Nederland zelf niets heeft. Hoezo de Noormannen in de Lage Landen?
Ook de door van der Tuuk 'vertaalde' teksten blijken allen afkomstig uit buitenlandse bronnen. Aangehaalde teksten uit Reims, St.Omaars, St.Vaast, Noirmoutier, St.Quentin en St.Germain bij Parijs geven al de juiste richting aan waar de Noormannen geplaatst moeten worden. Zo weet elke historicus, amateur of beroeps, dat het Psalter van Utrecht uit Reims komt en het Liber Donatium en het Cartularium van Egmond via Gent oorspronkelijk uit St.Omaars en St.Riquier (bij Abbeville) komen. Daar kun je dus niets mee bewijzen voor Nederland!
Met de 'vertaling' van Latijnse plaatsnamen door Nederlandse, zoals Trajectum met Utrecht, zijn juist de grootste fouten in de historische geografie zijn gemaakt met als gevolg de verkeerde locatie van volkeren en gebeurtenissen.

Wat daarna al snel opvalt in dit boek, is het volkomen ontbreken van noten. Er is dus niet na te gaan op grond waarvan Luit van de Tuuk de dingen beweert die hij beweert. Hoe komt hij aan zijn opvattingen? Ergens gelezen in een van de vele boeken in de literatuurlijst? Of er zelf maar een beetje een leuk verhaal van gemaakt? Waarschijnlijk het laatste.
Als je volkomen nieuwe standpunten hanteert, dient een wetenschapper toch op zijn minst te vermelden op grond waarvan hij tot die nieuwe standpunten komt. Het is helaas niet na te gaan.



Hieronder geven we een analyse van dit boek en vermelden tevens welke misvattingen er gemaakt worden door Luit van der Tuuk. (De tekst uit het boek is vetgedrukt en staat tussen aanhalingstekens; het commentaar is schuingedrukt. Terwille van de duidelijkheid nummeren we de onderscheiden bevindingen.

  1. "Internationaal komen de lage landen algemeen nauwelijks aan bod ". (p.7). "Vreemd dat de vermelding van de Noormannen in onze streken internationaal onderbelicht is".(p.11).
    Zou het misschien zo kunnen zijn dat internationaal de historici een betere kijk op de invallen van de Noormannen hebben en terecht Nederland buiten beschouwing laten? Er is namelijk geen enkel gegeven, geen enkele tekst, geen enkel archeologisch relikt (zie hierna), dat op Nederland toe te passen is.

  2. "We zijn vrijwel geheel aangewezen op Frankische bronnen. De teksten zijn slechts moralistische propaganda en schromelijk overdreven. In de Noorse, Deense en IJslandse volksverhalen is de historische werkelijk vaak ver te zoeken" (p.21).
    Het 'vrijwel geheel' wordt aanvankelijk aangevuld met die volksverhalen. Echter deze bevatten geen historische werkelijkheid volgens Van der Tuuk, wat slechts beaamd kan worden. Er staat dus klip en klaar dat je zonder de Franse teksten geen enkele andere bron hebt. Dat de teksten propaganda zouden zijn, is de mening van Van der Tuuk. De teksten zelf spreken duidelijke taal. Zie bij "Wat weten we nu feitelijk echt?" onder aan dit hoofdstuk.

  3. "Archeologische gegevens zijn zelden met zekerheid op de Noormannen terug te voeren". (p.22).
    Zonder geschreven bronnen en zonder archeologische vondsten in Nederland, is de plaatsing van invallen van de Noormannen in Nederland een mythe. Zowel in Nijmegen, als in Utrecht en Wijk bij Duurstede is nooit archeologisch een verblijf of plundering van de Noormannen vastgesteld. De Noormannen zijn hier slechts geplaatst door niet ter zake deskundigen door het verkeerd begrijpen van de klassieke Latijnse teksten. Zie ook bij Citaten. Het is nog steeds onverklaarbaar hoe de Noormannen erin geslaagd zijn bij hun lange reeks van plunderingen in Nederland (volgens de traditie) geen sporen na te laten. Volgens Prof.dr. W.A. van Es, indertijd directeur van de ROB., zou dat gekomen zijn omdat ze 'alleen kwamen om iets mee te nemen'. Ze kwamen alleen wat stelen, was zijn betoog, en een goede dief laat geen sporen na! Veel gekker moet het niet worden met die Noormannen. Daarom maakt Van der Tuuk er in navolging van Annemarieke Willemse natuurlijk vreedzame handelaren van. Die laten immers geen brandsporen achter!

  4. Walcheren.
    Walcheren maakt in het boek van Van der Tuuk een belangrijk onderdeel uit om de aanwezigheid van de Noormannen in de Lage Landen aan te tonen. Maar met een foto van het tegenwoordige strand bij Domburg bewijs je niets over de vermeende aanwezigheid van de Noormannen in de 9e of 10e eeuw. Jammer is ook dat Van der Tuuk niet op de hoogte blijkt te zijn van een ander Walcheren dan dat in Zeeland. Ook bij Brugge lag een Walcheren, waar, en dit is geen toeval, ook de plaatsen Middelburg en Westkapelle bestaan. Hierover nadenken leidt tot de oplossing van de problematiek in de historische geografie in Nederland in het eerste millennium.
    Daarnaast ligt er ook in Frans-Vlaanderen nog een Walacria, momenteel Vauchelles geheten, wat het Walcheren uit de levensgeschiedenis van St.Willibrord is. Ja, als je die drie onderscheiden Walacria's niet blijkt te kennen, ga je natuurlijk in de historische geografie fouten maken. En dat is nu precies wat in dit boek van Van der Tuuk volop aan de orde is en wat precies het probleem is van de hele geschiedenis van de Noormannen in Nederland. De Noormannen zijn voor Nederland volkomen legendarisch en het verklaart ook waarom er (overigens geheel terecht) nooit over geschreven is.
    Over Walacria bestaan een grote hoeveelheid teksten, die aantonen dat het niet over het Nederlandse Walcheren gaat, zelfs niet kan gaan omdat dat in de 9e eeuw onder water lag. Het gaat hierbij over het Vlaamse Walcheren bij Brugge of het Walacria in Frans-Vlaanderen. De naam Walcheren voor het Nederlandse eiland is zuiver import, net als de plaatsen Middelburg en Westkapelle die ook bij Brugge te vinden zijn. Dat hoeft geenszins verwondering te wekken als je eenmaal weet dat Zeeland door de Vlamingen ingedijkt en in cultuur gebracht is. De eerste initiatieven hiertoe kwamen overigens van de monnikken van de St.Bertijnsabdij te St.Omaars en dan ben je precies bij de bron van veel Noormannen-verhalen.

  5. De Ringwalburchten.
    Als bestaansrecht van ringwalburchten worden steeds de invallen van de Noormannen genoemd. Ook Van der Tuuk neemt dat als reden van ontstaan aan. Maar is dat wel zo?

    Archeologisch werd wel eens met opgravingsgegevens geschermd van de tijd van ontstaan van deze burchten. Behalve dat de dateringen met vooringenomenheid precies in de tijd van de Vikingen zijn geplaatst (er zijn geen harde archeologische bewijzen voor) is het opvallend dat de ringwalburchten juist ontstaan in de tijd dat de plunderingen van de Vikingen ophielden, eind 9e eeuw. Zouden de Vikingen zich dan toch door die ringwalburchten hebben laten afschrikken, wat wel eens beweerd wordt? Uiteraard niet! De ringwalburchten zijn zeker geen afdoende bescherming geweest tegen plunderende Vikingen. Die hebben zich daardoor echt niet laten tegen houden. De Noormannnen hebben wel voor 'hetere vuren' gestaan en kerken, kloosters en plaatsen geplunderd die wel beter beveiligd waren en op strategischere plekken lagen, dan die opgeworpen ringvormige dijkjes langs de kust in Zeeland.

    Dijkjes? Juist ja! Daar moet de reden van ontstaan van de 'ringwalburcht' gezocht worden: als vluchtplaats bij hoge vloed en springvloed. Is het niet opvallend dat die ringwalburchten die Van der Tuuk beschrijft alleen in het laag liggende kustgebied van Zeeland en Vlaanderen voorkwamen? De ringwalburchten moeten beschouwd worden als de eerste eenvoudige wijze van bewoners in de kuststreek om zich te beschermen tegen het opkomende water. Waar in de Friese en Groningse gebieden de terpen en wierden werden opgehoogd, waren het in zuid-west Nederland en de kust van België de ringwalburchten die bescherming tegen het water boden. De tijd van ontstaan, ook al is dat eind 9e eeuw, hoeft geen probleem op te leveren ten aanzien van de bewoningsgeschiedenis van ons land. Het is immers een bekend historisch feit dat juist eind 9e en begin 10e eeuw het lage land van Nederland vrij kwam van de Duinkerke II transgressie en weer (vanuit het zuiden!) langzaam bewoond werd. Dat er toen iets te plunderen viel voor de Vikingen is gewoon een farce. Die eerste bewoners van ons land waren arme boeren en vissers, waar men geen goudschatten hoefde te verwachten.
    En de waargenomen grachten aan de buitenzijde van de burcht dan? Grachten? Waar werd het zand om de dijk op te hogen vandaan gehaald? Juist ja, het zand voor de ophoging van de dijk, kwam gewoon uit de bodem er vlak voor. Dan ontstaat er vanzelf een 'gracht'.

    Opvallend is verder dat van diezelfde ringwalburchten ook in laag-Denemarken voorkwamen. Zouden de Vikingen ook zichzelf tegen zichzelf hebben moeten beschermen? Uiteraard niet! Ook hier boden die ringwalburchten bescherming tegen het water. Niets meer en niets minder.

    Broodje Aap-verhalen!
    Dat deze ringwalburchten bescherming boden tegen de plunderingen van de Vikingen kan toegevoegd worden aan het laatste hoofdstuk in dit boek van Van der Tuuk, de 'broodjes aap-verhalen'. Met de Noormannenpoortjes, de opvatting dat de Denen aan de wieg van de Hollandse graven stonden (zie hierna) en de plunderingen van de Vikingen van het lage en lege Hollandse en Friese kustgebied, kunnen de ringwalburchten als verdediging tegen de plunderende Vikingen naar het rijk der fabelen verwezen worden.

  6. Stonden de Denen aan de wieg van de Hollandse graven?
    Volgens Van der Tuuk stonden de Denen aan de wieg van de Vlaamse en Hollandse graven. Niets is minder waar.
    De eerste graaf van Holland, Gerulf, kwam uit Frans-Vlaanderen, net als de twee daarop volgende graven Dirk I en Dirk II, die zich rond 940 in Gent vestigden. Pas ná 1018 strekt hun invloed zich verder naar het noorden uit en komen zij in aanraking met het Merwede gebied. Het is onweerlegbaar dat de invloedsfeer van deze dynastie zich vanuit het zuiden naar het noorden verplaatst en niet andersom.
    Zie verder bij de Hollandse Graven en de naam Holland.


    WORDT VERVOLGD!!!


    Wat weten we nu feitelijk echt?
    Als men de ware geschiedenis van de Noormannen wil leren kennen, dient men af te gaan op de authentieke klassieke teksten en niet op wat de historici er nadien van gemaakt hebben. En die klassieke teksten zijn duidelijk genoeg: de Noormannen waren niemand en niets ontziende moordenaars en plunderaars, die het niet zozeer op de kloosters en kerken gemund hadden, maar op de daar aanwezige kerkschatten. Immers in kerken en kloosters was de rijkdom te vinden, waar zij naar op zoek waren, niet bij de eenvoudige boeren op het platteland. Maar omdat ook de Noormannen moesten eten en drinken en soms wel eens zin in sex hadden, bleven ook de eenvoudige boeren en boerinnen niet gespaard. Wie hen ook maar een strobreed in de weg legde, werd eenvoudig uit de weg geruimd ofwel vermoord.
    Van vredelievende handelaars, wat Luit van der Tuuk er in navolging van Annemarieke Willemsen van wil maken, was totaal geen sprake. Waarom zouden de Noormannen gaan handelen als de buit zonder te betalen meegeroofd kon worden?

    Het door de Noormannen gehanteerde geweld en de moord- an brandpartijen staan in de vele teksten duidelijk en letterlijk vermeld. Daar zit geen enkele propaganda bij. Propaganda van of voor wie? Voor die arme monniken? Voor het verweer van de weerloze boeren? Om de veldslag van de Frankische vorsten 'goed te praten'?

    Enkele letterlijke citaten uit de jaarberichten:
    • 858: In de kathedraal van Chartres zijn de bisschop en veel inwoners gedood.
    • 845: Daar (bij St.Omaars) vermoorden zij veel van de onzen.
    • 868: Over de Loire trokken de Noormannen naar Orleans, welke stad zij plunderden.
    • 869: De Noormannen eisten van de steden Angers en Tours veel geld, kaas, wijn en vee als afkoop van plundering.




    Bestel en lees het boek "De Ware Kijk Op" en oordeel zelf wat de ware geschiedenis van de Noormannen is!