Terug naar de beginpagina. Naar het overzicht in het kort.

De Romeinse Renus was de Schelde.

De oudste vermelding van Renus vinden we bij Julius Caesar in zijn "Commentarii de Bello Gallico".

De Belgen waren volgens Caesar de naaste buren van de Germanen die aan de overzijde van de Renus wonen.

Het gebied van de Belgen begint bij de uiterste grens van dat der Galliërs (dat was de Marne en Seine), reikt tot aan de benedenloop van de Rijn en strekt zich uit naar het noordoosten.

In boek I (I.1.1) over de indeling van Gallië wordt de Renus drie keer genoemd.

"Het eerst bij de beschrijving van het volk der Belgen, die voortdurend in oorlog zijn met de Germanen aan de overzijde van de Renus." De tweede keer dat de Renus wordt genoemd is in de volgende passage: "Het land der Belgen, komt ook aan de kant van de Sequanen en Helvetiërs tot aan de Rijn en strekt zich verder uit naar het noorden." De derde passage luidt: "Het gebied van de Belgen begint bij de uiterste grens van dat der Galliërs, reikt tot aan de benedenloop van de Rijn en strekt zich uit naar het noordoosten".

Bekijkt men deze passages geografisch, dan zijn ze niet passend te maken op de Rijn in Nederland.

Zie verder bij Julius Caesar.

De naam van de Rijn in Duitsland was Obrinca. Zie Ptolemeus (tekst 58, WKO1) en Marcianus (tekst 65, WKO1).

Bij Byvanck is de Obrinca de Vinxtbach, wat niet klopt met de rest van de tekst. Vandaar dat Byvanck de gegevens van Ptolemeus ooit als onjuist kwalificeerde.

De Vinxtbach is een beek die ten z.w. van Schalkenbach-Obervinxt en oostelijk van Adert ontspringt en 19 km verder bij Burg-Rheineck in de Rijn uitmondt. Deze beek werd in de traditionele opvatting als de grens tussen Germania Inferior en Germania Superior beschouwd.
Als je deze beek eens bezocht hebt, kan men slechts van verbazing achterover slaan bij zoveel onbenul! Niet de gegevens van Ptolemeus zijn onjuist, maar de interpretatie van de historici.



De visie van Albert Delahaye.

De Renus was de Schelde.
Het stroomgebied van de Schelde was in de Romeinde tijd en de vroege middeleeuwen anders dan nu. Het in de tijd van de Duinkerkse transgressies overstroomde "Pays-Bas " in Noord-Frankrijk, was het meandergebied van de Schelde. De klassieke schrijvers geven die veranderende loop van de Schelde o.a. aan door het aantal mondingen te vermelden: de ene noemt er twee, een ander drie. Ze hebben beiden gelijk gehad in hun tijd.


Wat weten we nu feitelijk echt?


"waar men op Engeland uitziet"


Was de Romeinse Renus de Rijn of de Schelde?


Dit is de centrale vraag waaraan de hele historische geografie van west-Europa opgehangen is.
Indien de Romeinse Renus niet de Nederlands/Duitse Rijn was, zal alles wat van dit uitgangspunt is afgeleid, herzien moeten worden.

Er zijn vele teksten waaruit ondubbelzinnig blijkt dat de Romeinse en later de klassieke Renus niet de Rijn was, maar een rivier in Noord-Frankrijk. Daarvoor komt dan vervolgens alleen de Schelde/ l'Escaut in aanmerking.

Enkele teksten van klassieke schrijvers:
De Renus is een rivier in Gallia waar men op Engeland uitziet en die de Germanen van Gallia scheidt.
Bron:Servius, Commentarius in Vigilii Aeneiden, VIII, 727.

De Morini, de laatste der mensen, wonen aan de Renus.
Bron: Virgilius, Aeneis, VIII, 726.
De hoofdstad van de Morini was Tervanna. (Het tegenwoordige Therouanne (Terwaan) in Noord-west Frankrijk.) Bron: Ptolemeus, Boek II, 3-7, 9.

Gaius Carrinas overwon de Morini en de Suevi bij de Renus.
Bron: Cassius Dio, Ll, 21.

De Morini woonden rondom Terwaan, dat hun hoofdstad was. De Suevi woonden in de omgeving van Kortrijk. Het is dus duidelijk dat met de Romeinse Renus niet de Rijn bedoeld kan zijn, maar de Schelde bedoeld werd.

Deze (en andere) teksten hebben de Nederlandse historici altijd in verwarring gebracht. Op grond van de combinatie Morini en Menapii (die buren waren) en de Renus, is de hele verplaatsing begonnen. Zowel Byvanck, als Van Es plaatsen daarom de Menapii maar in Brabant, echter aan Maas en Waal, niet aan de Rijn. Zij 'vertalen' het woord Renus in teksten dan ook de ene keer met Maas, een andere keer met Waal.

De kroniek van Edmond van Dynter, die in het begin der 15e eeuw schreef, vermeldt:
"Koning Clovis zond vanuit uit zijn kasteel Dispargum verspieders naar Kamerijk. Daarna stak hij de Renus over. Veel volk der Romeinen, rond de Renus tot aan de Loire wonend, dreef hij voor zich uit. Toen trok hij het Kolenwoud binnen, dat nu Mourmal wordt genoemd en bezette de stad Doornik".
Deze hele militaire operatie loopt van de buurt van Brussel naar Kamerijk en Doornik. Dispargum is niet Duisburg, maar Dispergues (nu Isbergues geheten). Hierbij werd de Renus overschreden. Het kan hier dus nooit over de Duits/Nederlandse Rijn gaan. Hier komt alleen de Schelde in aanmerking als de Renus.
En «le forêt royale de Mourmal» ligt nog steeds op dezelfde plaats in de Ardennen.
De Morini met hun hoofdstad Terwaan woonden aan de Schelde, in de kuststreek van Vlaanderen, tussen Canche en Oosterschelde. Bron: A.W.Byvanck, Nederland in de Romeinschen tijd, p.473, 476, 477, 490, 491, 504, ; W.A. van Es, de Romeinen in Nederland, p.22, 23 en 25.

Ook al is de lokatie van de Morini door Byvanck en Van Es wat ruim bemeten, zij erkennen met de plaatsing van de Morini in Vlaanderen dat de Renus dus de Schelde is. Zie ook de kaartjes hieronder, afkomstig uit genoemde boeken.

Byvanck, Van Es.

Let op dat beide auteurs een kaartje van min of meer de TEGENWOORDIGE situatie gebruiken, wat uiteraard ook suggestief werkt. De situatie van de kuststreek en de loop van de rivieren (dus ook de Schelde), was in de Romeinse tijd beduidend anders, wat beide auteurs ook vermelden. Byvanck, o.c.p.4; Van Es, o.c. p.20. Let er ook op dat beide volkeren bij Byvanck precies andersom zijn geprojecteerd dan bij Van Es.

De Morini (met hoofdsteden Boulogne -Boonen- en Therouanne -Terwaan-) woonden ten zuiden van de Menapii (met hoofdstad Cassel - Castellum Menapeorum). Uit Franse studies blijkt dat hun woonplaats vanaf de préhistorie tot in de Middeleeuwen NIET gewijzigd is. Op onderstaand kaartje wordt dat weergegeven. Let hier ook op de Plaine Flandriënne Marecageuse wat dezelfde baai is als het Almere uit de Romeinse tijd. Klik op het kaartje voor een vergroting!!


En wat schrijft prof. J.E. Bogaers, een van de felste tegenstanders van Albert Delahaye? "De grens tussen Gallia Belgica en Germania Inferior moet in het noordwesten grotendeels gevormd zijn door de Schelde".

Waarmee dus ondubbelzinnig wordt erkend dat de Romeinse Renus de Schelde is.

Ergo: de Romeinse Renus was de Schelde.

En als deze zekerheid eenmaal is vastgesteld en ook is erkend door de deskundigen bij uitstek van Romeins Nederland, Byvanck en Van Es, vallen de puzzelstukjes van Romeins Nederland vanzelf op hun plaats, namelijk in Noord-Frankrijk.

Rond ca. 1100 na Chr. schrijft Ermenricus over de Renus en de Bicornis.
De Renus die door Francia stroomt, wordt in de Oceaan opgenomen, en waar de rivier de Wandalus hem ontmoet, wordt hij Bicornis (tweehoornig) genoemd, omdat hij daar in twee stromen vloeit.
Bron: Ermenrici Elwangensis epistola ad Grimaldum, MGS, Epistolae, Y, p. 575, 577.

Deze tekst uit ca.1100 bevestigt alle teksten vanaf de Romeinse klassieke schrijvers tot in de Middeleeuwen. De Renus was in 1100 nog steeds een rivier in Francia en de Wandalus (is de Vahalis) stroomde in de Renus uit. Deze tekst past nergens in de Nederlandse traditie en wordt dan ook steevast verzwegen. Met alle teksten wordt overduidelijk aangetoond, dat de klakkeloze vertaling van Renus met Duitse/Nederlandse Rijn onjuist is en een der grondpijlers van de mythen is geweest. En dat die "vertaling" klakkeloos was, wordt bewezen door een massa teksten die eenduidig aangeven dat de Romeinse Renus in Noord-west Frankrijk gezocht moet worden. De Romeinse Renus moet dan ook vereenzelvigd worden met de Schelde.

Strabo (60 vóór Chr.-20 na Chr.) schrijft: "Vanaf de monden van de Renus kan Kent gezien worden".
Er is maar één plaats in West-Europa waar dan de monden van de Renus geplaatst moeten worden, dat is onmiskenbaar in Noordwest-Frankrijk bij Cap Blanc Nez. Strabo beschrijft de monden van de Renus en het landschap er omheen al voordat er één Romein in Nederland geweest was.
Andere teksten zijn:
"De Renus is een rivier in Gallia, die de Germanen van Gallia scheidt" (Servius).
"Engeland ligt tegenover de monden van de Renus" (Mela).
"Koning Clovis trok vanuit Doornik over de Renus Gallia binnen" (Sigibert van Gembloers).
"Bij de Morini stroomt de Renus" (Hieronymus). (De Morini woonden rond Terwaan!)
"De Renus stroomt door een gebied dat door Francia, de Chamavi en Germania wordt beheerst" (Ermenricus). (Germania is het Germania van Tacitus en niet het huidige Duitsland!)


Conclusie: de Romeinse Renus kan men niet klakkeloos toepassen op de Duits/Nederlandse Rijn.



Het woord RENUS taalkundig.
"Le vocable Reno ou Rena est un mot wallon, encore usité, qui a la sens de borne, limite. Tous les cours d'eau dans lesquels il se rencontre limite. Conf. Renal, Renardfontaine, Rennariwe, Renaubois."
Vertaald is dat: "Het woord Reno of Rena is een romaans woord, dat nog steeds gebruikt wordt, dat grenspaal, grens betekent. Alle waterwegen waarin de betekenis van grens voorkomt. Vergelijk Renal, Renardfontaine, Rennariwe, Reneubois."

"De de rivier de Rijn is, wat de naam betreft, naar geen geleerde van enig gezag betwijfelt, van Keltische oorsprong. De betekenis "stroom" komt van het Keltische of Gallische Rênos uit Rênas. Er is samenhang met een verbum, dat 'gaan' of 'vloeien' betekent. De hoogduitse en Franse spelling met 'h' (Rhein en Rhin) moet beschouwd worden als een gedachten loze navolging van de latijnse Rhênus". (Bron: G.J.Uitman)


Rhenus, Rhin, is een keltische naam, die waterloop of stroom betekent. Het heeft dezelfde betekenis als het woord "Rin", beek, een naam die in Boulogne en Normandië meermalen voorkomt. Andere voorbeelden van deze naam met eenzelfde betekenis, naast de Reno in Italië, zijn in Frankrijk: Reins of Rhins en Renaison (departement Loire), Rinsonnet (bij Roanne), Le Rhénot en de Rhoin of Rains en Reins (Cote d'Or), Renon (Sarthe), Renne (Haut-Marne), Reigne (Haut-Saône), en de lacs de Rino (Corsica). De Cours-du-Rhoin (Cote-d'Or: Rains en Reins XIIIe eeuw)) wordt in direct verband gebracht met Rhenus. (Bron: A.Dauzat)

We kunnen hieruit concluderen dat het woord renus een algemene naam was voor een rivier die een grens vormde. En die grensfunctie kwam zeker overeen met de Renus die de Romeinse klassieke schrijvers noemden en die de grens vormden tussen Gallia en Germania.

En wat schrijft de grote taalkundige dr.M.Gysseling, een fel opponent van Albert Delahaye?
Renus en Schelde hebben een naamkundig verband met elkaar. Het Keltische Reno (=vloeien) zal dus oorspronkelijk een lokale Keltische naam geweest zijn van de Schelde. (Bron: M.Gysseling)
Naamkundig kan met de Renus dus ook de Schelde bedoeld zijn. Doordenken op zijn eigen stelling schijnt er bij Gysseling niet bij te zijn!

De Romeinse Renus was een grensrivier die stroomde door de streek van de taalgrens. De rivier droeg verschillende namen, afhankelijk van de taal die men sprak of waarin men schreef. Het kan gedemonstreerd worden aan de hand van de naam van de Schelde in andere talen. In het Engels is het Scheldt, in het Frans Escaut, in het Latijn Scaldis, in het Keltisch Skaldis, in Oud-Nederlands Scelt.
In klassieke bronnen komt men de namen tegen zoals: Scaut - Scaud - Scald - Scalde - Skelde -Scelt.
In het Franse departement Nord (departement 59), en Pas-de-Calais (departement 62) liggen 1546 gemeentes. Historisch hoorden zij ofwel bij het graafschap Vlaanderen (Frans-Vlaanderen), ofwel bij het graafschap Henegouwen (Frans-Henegouwen). Namen die enige relatie hebben met de rivier de Schelde zijn: Escaudain - Escaudœuvres - Escautpont - Escobecques - Esquelbecq (Ekelsbeke) - Esquerchin.

HET RENUS PROBLEEM
Bij de klassieke schrijvers (zie hieronder voor de lijst schrijvers en nog meer voorbeelden van teksten) is de Renus een rivier in Gallië, waarvan de monden tegenover Kent liggen. Tot ver in de middeleeuwen blijft de Renus genoemd worden te midden van Franse plaatsen. Valenciennes wordt genoemd als stad aan de Renus. Dit kan dus nooit de Nederlandse/Duitse Rijn zijn, immers Valenciennes ligt in Noord-west Frankrijk.

De meeste en de diepgaandste fouten zijn voortgekomen uit de misvatting van wat Renus betekent.
Er is een onmiskenbaar verschil aantoonbaar tussen de Gallische of Romeinse Renus en de huidige Duitse en Nederlandse Rijn. Het idee dat het dezelfde rivier in hetzelfde stroomgebied zou zijn geweest, moet worden losgelaten. Veel authentieke teksten tonen aan dat de Gallische of Romeinse Renus nooit de huidige Rijn geweest kan zijn. De naam van de Renus komt men in verschillende schrijfwijzen tegen, zoals: Rhenus - Renus - Rhin - Rhein - Rijn - Rin - Reno - Rain.
De Gallische Renus stroomde langs andere plaatsen dan de huidige Rijn. Zie Vraagstukken deel 1 blz. 166-222. De naam "Renus" duidde een grens aan: het was een grensrivier. Het woord Renus was dus eerder een soortnaam dan een eigennaam voor een rivier. Zelfs in de Italiaanse Reno, maar ook in de Duitse Rijn, is die betekenis van grensrivier aantoonbaar aanwezig. Het woord Renus (door de Kelten oorspronkelijk Renos = woeste stroom genoemd) was ook meer een verzamelnaam voor een complex rivieren, dan de eigennaam van één bepaalde rivier. Vergelijk het woord Renus met het woord Holland, dat afwisselend wordt gebruikt om een provincie, een gedeelte van Nederland of zelfs heel Nederland aan te duiden. De context moet dan uitmaken wat de juiste betekenis is.

Ook in de Nederlandse traditie wordt de vertaling van Renus met Rijn soms losgelaten, omdat de geografische of archeologische gegevens niet kloppen. Van Es (De Romeinen in Nederland) "vertaalt" Renus enkele malen met 'Waal', omdat de gegevens uit de contekst geen betrekking konden hebben op de Rijn, met name de Oude Rijn. Byvanck "vertaalde" Renus met Maas in Zuid-Limburg, waar hij de tekst van Plinius over "de witte steen die geschikt is voor het leggen van vloeren" plaatst. Byvanck opteerde hier voor de mergelgrotten in Limburg, die evenwel geen witte, maar gele steen bevat, die bovendien ongeschikt is voor het leggen van vloeren doordat deze meteen verpulverd.

De vraag welke rivier in de bronnen bedoeld wordt, moet dan ook veel meer afgeleid worden uit de context, dan puur uit de naam Renus, Rhenus of Hrenus. Toch zijn er in Noord-Frankrijk ook plaatsnamen aan te wijzen die een duidelijke relatie hebben met de naam Renus/Rin/Rien, zoals Rincq, Renty en Rinheim. Renty kan etymologisch verklaard worden uit Ren(-us) en -itium (itium=plaats). Rinheim zou het tegenwoordige Riencourt-lès-Cagnicourt kunnen zijn («-heim=-hem=court», op 19 km van Arras; eerder Riencourt-en-Artois geheten), Riencourt-lès-Bapaume en Rinxent (Rin-x-einde). Het achtervoegsel -ent? Niet vergeten mag worden dat dit gebied tussen 1154 en 1453 ruim 300 jaar Engels bezit is geweest, dat her en der taalrelicten heeft achtergelaten. En juist bij Rinxent vinden we de marmergroeven die Plinius bedoelde toen hij schreef over "waar de Renus uitstroomt in de Oceaan vinden we witte steen die geschikt is voor het leggen van vloeren"! Toeval? Neen, het is de juiste plaats waar tegenwoordig nog steeds marmer gewonnen wordt, geschikt voor schoonsteenmantel en vloeren. Het "Maison de Marbre et de la Géologie" in Rinxent geeft informatie over de groeve, maar sluit helaas na 22 jaar eind 2010. Het is ook deze plaats waar de "marmeren" sarcofaag vandaan kwam, waarin St.Willibrord begraven werd. Ook dit detail is een overtuigende aanwijzing dat we hier in de juiste streek zijn.

De Monden van de Renus, waaraan zoveel historische gegevens vast zitten, worden door de klassieke en vroeg-middeleeuwse schrijvers heel duidelijk tegenover de zuid-oost punt van Engeland gesitueerd, wat sommige schrijvers met dezelfde woorden zeggen als het hier staat: "daar waar men de overkant kan zien!"
Ook de Peutingerkaart toont deze ligging tegenover Kent helder aan. Diezelfde monden van de Renus worden al genoemd door Romeinse schrijvers lang voordat één Romein voet in Nederland had gezet en lang nadat de Romeinen alweer uit Nederland waren verdwenen. Dan blijkt nog steeds die Renus de grens van het Romeinse rijk te zijn, de grens tussen Germanen en Galliërs. En de grens tussen Galliërs en Germanen was ook tevens de taalgrens, die toen al lag waar die nu nog steeds ligt. Met de ligging van de Duitse/Nederlandse Rijn is dat niet te combineren.
De Romeinse Renus is dan ook niet dezelfde rivier als de tegenwoordige Rijn!
Door het misverstaan van dit gegeven zijn veel historische bronnen verkeerd begrepen en zijn veel feiten op de verkeerde plaats terecht gekomen. Albert Delahaye heeft in zijn boeken zo'n 200 teksten staan, waarin met Renus nooit de Duitse/Nederlandse Rijn bedoeld kan zijn. Hieronder enkele voorbeelden van teksten die duidelijke taal spreken.

Teksten van klassieke schrijvers.

Servius (70 - 17 vóór Chr.) noemt de Renus een rivier in Gallia!
"De Morini (Terwaan), de volken op het uiteinde van Gallia, dat op Engeland uitziet, dicht bij de Oceaan (Atlantische Oceaan). Renus, een rivier in Gallia, die de Germanen van Gallia scheidt. Bicornis (=tweehoornig) echter, omdat dit gemeen is aan alle rivieren, of speciaal voor de Renus geldt, die in twee stromen vloeit; door de een die de grens vormt van het romeinse rijk, door de andere die langs de Barbaren stroomt, waar hij Vahal genoemd wordt en hij het Eiland van de Bataven (Béthune) vormt."
Bron: Servius, Commentarius in Virgilii Aeneiden, VIll,
Het stroomgebied van de Renus komt overeen met het stroomgebied van de Schelde (een latere naam voor deze rivier) en wordt hier beschreven lang voordat er één Romein voet in ons land heeft gezet. Met Gallia kan nooit het gebied tot de Nederlandse Rijn bedoeld zijn.

Hieronymus, Commentarius in Isaiam, 66.
ca.410 na Chr. Hieronymus over de Morini en de Renus Bicornis.
"Deze waren senatoren, die een plaats voor het bestuur verkregen hadden over de Britanni (Engeland), de Hispani (Spanje), de Gallii en de laatste der mensen de Morini (Terwaan), waar de Renus Bicornis stroomt."
Met de tweehoornige Renus wordt weer het stroomgebied van de Schelde bedoeld.

Dicuil, De Mensura Orbis Terrae (825).
"Gallia Comata met de Britannische eilanden (Bretagne) eindigt in het oosten bij de rivier de Renus; in het westen bij de Pyreneeën; in het noorden bij de (Atlantische) Oceaan; in het zuiden bij de Rhône en de Cevennen."
Dezelfde opvattingen over de Renus en de west-oriëntatie blijken nog steeds te bestaan bij de vroeg-Middeleeuwse schrijvers, zoals de hierboven aangehaalde Dicuil. Duidelijk blijkt dat zij onder de Renus geenszins de Duitse/Nederlandse Rijn verstaan, immers hier wordt Gallia Comata beschreven, en dat de (Atlantische) Oceaan bij hen in het noorden gesitueerd moet worden. Valt er over de Oceaan nog te discussiëren (sommigen menen dat daarmee de Noordzee werd bedoeld), de locatie van de Pyreneeën in het westen is onweerlegbaar!
De Britannische eilanden is in deze tekst Bretagne en niet Engeland.

Caesar en Strabo, De plaats van de Renus.
Caesar schreef in circa 54 v.Chr. dat hij, nadat hij een (boot-)brug over de Renus had afgebroken, naar het land van de Morini trok, "waar de dichtste oversteek naar Brittannia was" (De Bello Gallico, IV, 20-22).
Strabo schreef hierover: "Dat is namelijk nabij Calais, daar ziet men met het blote oog Cantium (Kent) liggen" (Geographia, IV, 3).
Deze aanwijzing van Strabo is zo duidelijk dat er niet over te twisten valt: de Renus lag tegenover Kent.
Ook de Peutingerkaart toont de monding van de Renus duidelijk tegenover Kent.
Je vraagt je soms af of historici blind zijn! Beroepsblind waarschijnlijk.........

Strabo (65 v.Chr-20 na Chr) schrijft over de Renus: "De Renus is onstuimig, om welke reden hij weinig bruggen heeft. Nadat hij van de bergen is gekomen, stroomt hij door de vlakten... Men zegt ook, dat hij twee monden heeft; zij die er meer noemen zijn abuis... De Renus omvat met zijn kronkelende loop evenals de Seine een deel van de streek maar niet zoveel als deze rivier. Beide rivieren stromen van het oosten naar het westen *). Tegenover hun monden ligt Brittania, dat zich echter dichter bij de Renus bevindt, zodat Cantium (Kent), dat de verst naar het zuiden*) strekkende punt van het eiland (Brittania) is, vanaf zijn monden (nl. van de Renus) gezien kan worden. De Seine ligt op enige afstand hiervan".
*) de genoemde windrichtingen zijn de gecorrigeerde Romeinse windrichtingen. Zie bij West-Oriëntatie!
Deze tekst is overduidelijk, omdat Strabo een nevenschikking legt tussen de Renus en de Seine. Hij beschrijft één streek, die door de beide rivieren wordt geraakt. Kent legt hij tegenover de monden van de Renus; vandaar is dit punt van Engeland te zien. Hij bevestigt derhalve Orosius, die geciteeerd werd als bewijs voor de juiste plaatsing van het Eiland van de Bataven. Dit detail klopt alleen in Noord-Frankrijk. Ten overvloede onderstreept Strabo een tweede maal, alsof hij er geen enkele twijfel over wil laten bestaan, dat de Seine op enige afstand van de monden van de Renus ligt. Het zou dwaas zijn te schrijven, dat de Seine op enige afstand van de Nederlandse Rijnmonden ligt, want tussen deze en de Seine lagen nog zoveel andere rivieren, dat zo'n nevenschikking onmogelijk van een geograaf kan komen. Andere schrijvers, zoals Agrippa (62-12 v.Chr), Virgilius (70-19 v.Chr), Livius (59 v.Chr.-17 n.Chr.) en Caesar (100-44 v.Chr.) bevestigen de mededeling van Strabo met andere details.

Een bijzonder opvallend detail, dat alleen aan de westkust van Frankrijk past, bevat de tekst van Strabo die handelt over de verbindingen van het vasteland met Engeland: "Vier verbindingen zijn er die gewoonlijk gebruikt worden tussen het eiland (Brittannia) en het vasteland, namelijk vanuit de mondingen van de rivieren: Renus, Seine, Loire en Garonne. Voor degenen, die vertrekken vanaf de plaatsen rond de Renus, begint de vaart niet in de mondingen zelf, maar vanaf de Morini, die aan de Menapiërs grenzen, bij wie ook ltium (Boulogne) gelegen is, welke haven de goddelijke keizer gebruikte toen hij opbrak naar het eiland Britannia".
Strabo geeft derhalve in niet mis te verstane woorden aan, waar hij de Renus en de monden van de Renus plaatst. Nogmaals moet benadrukt worden, dat deze schrijver leefde vóór de kolonisatie van Nederland, wat voor de Romeinen een nog onbekend gebied was. Hij spreekt over reisgewoonten vanaf de monden van de Renus, die zich toch niet van gisteren op vandaag ontwikkelen. Dit gegeven, vaste reizen naar Engeland, ligt voor Nederland bijna een eeuw te vroeg. Men mag zich inderdaad met verbijstering afvragen hoe het mogelijk is geweest, dat de klassici, historici en archeologen uit deze teksten opvattingen hebben kunnen halen, die niet alleen in flagrante tegenspraak zijn met deze teksten, maar bovenal in chronologisch opzicht volstrekt onmogelijk zijn.

Ook andere schrijvers bevestigen de ligging van de Renus in Noord-Frankrijk, zoals Zozimus, Orosius, Pomponius Mela, Plinius, Ptolemeus, Cassius Dio, Libanius, Marcianus, Procopius, Johannes van Lydia, Beda, Hieronymus, de geograaf van Ravenna, Ermericus, Ekkerhard, Richerius, Aimonius, zelfs Karel de Grote en niet te vergeten Tacitus. Teksten over de Renus volgen elkaar op van vóór Christus tot in de 12e eeuw. Ook nadat de Romeinen in 260 n. Chr. definitief uit Nederland vertrokken waren, blijven de teksten over de Renus verschijnen. Steeds opnieuw wordt de Renus beschreven als een rivier in Gallia/Frankrijk. De dwanggedachte dat de "Renus" de Nederlandse en Duitse Rijn is, moet losgelaten worden.

Panegyricis vermeldt de Renus en de Vahalis in 293 n.Chr.
"Die landstreek, Caesar, is door uw goddelijke expedities veroverd en gezuiverd, waar de Vahalis in meerdere stromen doorheen vloeit en dat de Renus met zijn aftakkingen omvat. Het gelijkt bijna niet op aarde, want dit woord past er nauwelijks. Het is immers zo met water doordrenkt, omdat het niet alleen daar waar het duidelijk moeras is, in het niet verdwijnt en de voetstap weigert, maar ook waar het een beetje steviger lijkt wijkt het terug voor de voet en trekt het zich terug bij elke stap.
Bron: Ex veteribus Panegyricis de Gallis, HdF, I, p.713.

Kort na het jaar 250 na Chr. zijn de Romeinen abrupt en spoorloos uit Nederland verdwenen, welk einde van de Romeinse occupatie afdoende door de archeologie wordt bevestigd. Geheel aanvaardbaar is, dat bijvoorbeeld te Nijmegen en te Xanten af en toe nog een Romeinse post heeft gelegen; in het laagland van Nederland echter was de Romeinse bezetting definitief ten einde. Daarna blijven bij de klassieke schrijvers de berichten doorgaan over de Bataven, de Frisones, de Vahalis en de Renus. Niet dat deze namen een enkele keer per toeval worden genoemd, maar in die zin dat de bemoeiïenis van de Romeinen met de Bataven en de Frisones op gelijke manier als voordien blijkt voort te gaan, zonder dat ook maar de geringste opmerking wordt gemaakt dat zich iets zou hebben voorgedaan. In Nederland had zich inderdaad iets voorgedaan, namelijk de inname van het land door een grote overstroming, die er met op- en neergangen zou gaan voortduren tot in de 10e eeuw. Het heeft de Romeinen zó weinig geraakt (in het gehele rijk was dit niet van belang) dat ze er niet eens een bericht over gegeven hebben. Er zijn bewijzen genoeg dat de Bataven, de Frisiones, de Renus en de Vahalis vóór de 3e eeuw niet in Nederland geplaatst kunnen worden; het volhouden van die mythen tussen de 3e en de 10e eeuw is geen vergissing doch een volkomen ontkennen van de heldere feiten in van de archeologie, stratigrafie en het meest elementaire bronnenonderzoek.

Wanneer men voor de eerste maal de stelling hoort, dat de Renus met zijn monden in het westen van Noord-Frankrijk ligt, moet men zijn ongeloof of ergernis niet tot historisch criterium verheffen, maar op zijn minst die stelling op de originele teksten kontroleren. Er zijn er genoeg, en zij zijn gemakkelijk te vinden.

In een tekst uit het jaar 1194 uit een in het Frans geschreven kroniek blijkt dat de naam Rhin (=Renus) nog gebruikt wordt voor een rivier die onmogelijk de Duitse of Nederlandse Rijn kan zijn geweest.
"Boudewijn van Béthune begaf zich van Béthune (waar hij resideerde) per schip over de Rhin naar zee, en vanaf de zee het land weer binnenvoer in de rivier die de Schelde wordt genoemd; zo kwam hij bij een kasteel van de hertog van Leuven (van Brabant), dat Antwerpen heet".
Tegen het einde van de 12e eeuw wordt de naam Renus dus nog gebruikt voor een rivier in Noord-west Frankrijk !



Enkele hardnekkige misverstanden.

Ook in Nederland zelf blijven hardnekkige misverstanden uit het verleden bestaan. De Rijn komt bij Lobith ons land binnen, zoals men op school te lang heeft geleerd. Dat was tot 1817 dan wel zo, maar is nu onjuist, omdat het plaatsje Spijk, voorheen Duits grondgebied, in 1817 Nederlands werd. De Rijn komt daarom sinds 1817 bij Spijk ons land binnen. Wellicht een klein en onbeduidend detail, maar wel tekenend. De oude mythe bleef bestaan, ondanks de onjuistheid ervan.

De Batavieren kwamen in holle boomstammen vanuit Duitsland de Rijn afzakken. Momenteel is de gedachte dat deze traditionele opvatting een fabeltje zou zijn, net als de genoemde boomstammen.
Niet het hele verhaal is een fabeltje, maar wat er in Nederland van gemaakt is.
De Bataven waren volgens Tacitus (Germania 29-30) Germanen en ze woonden langs de taalgrens in Vlaanderen. De Bataven waren afkomstig van de stam der Chatti, die rond Katsberg woonden, aldus Tacitus. Volgens Plinius (Naturalis Historia XII,203) voeren de Germanen wel degelijk in "uitgeholde bomen, waarvan sommigen wel 30 man konden bergen". Julius Caesar maakt er in zijn boek "De Bello Gallico" ook melding van: "in de wankele bootjes varen achtte hij beneden de waardigheid van de Romeinen". Daarom liet hij een brug bouwen. Zo komen fictie en werkelijkheid wel bij elkaar in één verhaal!
De mededeling van Plinius heeft Albert Delahaye er indertijd toe gebracht zijn boek "Holle Boomstammen" deze naam te geven, vanwege het wanbegrip over de klassieke Romeinse schrijvers, die met Germania iets heel anders bedoelden, dan wat latere historici ervan gemaakt hebben. De Renus is natuurlijk niet de Duitse en Nederlandse Rijn, maar een rivierenstelsel (woeste stroom) in het stroomgebied van de huidige Schelde in Vlaanderen.

Bestel het boek "De Ware Kijk Op" , lees de klassiek teksten en oordeel zelf!