| Terug naar de lijst | Naar het overzicht in het kort. |
|
Julius Caesar is nooit in België geweest en al helemaal niet in Nederland, zodat alles dat van dit onjuiste uitgangspunt werd afgeleid, geschrapt moet worden. De altijd op Nederland van toepassing gedachte Romeinse geschiedenis, blijkt bij nadere beschouwing die van Noord-Frankrijk te zijn. De teksten spreken duidelijke taal en laten er geen misverstanden over bestaan! Hiermee wordt Romeins Nederland niet ontkend. Het probleem is aan de vindplaatsen van Romeins in Nederland de juiste naam te geven. De namen van de Peutingerkaart hebben in elk geval geen betrekking op Nederland. Een van de kernpunten van de Romeins Nederland is de locatie van de Renus. Dat de Renus synoniem is aan de Rijn is een nooit bewezen aanname. De juiste plaats van de Romeinse Renus wordt onweerlegbaar duidelijk aan de hand van de volgende tekst van Plinius. Plinius beschrijft dat, "waar de Renus in zee uitstroomt vindt men witte steen, die zich gemakkelijk laat snijden en die o.a. gebruikt wordt voor het leggen van vloeren". ![]() Het gaat in deze tekst heel duidelijk over de Franse kalksteen, die zich inderdaad uitermate goed laat gebruiken voor het leggen van vloeren als voor beeldhouwwerk. De marmergroeven bij Rinxent#) staan hierom nog steeds internationaal bekend. Volgens de traditionele opvatting (o.a. die van A.W.Byvanck: zie opmerking*) wordt hier de mergel in Zuid-Limburg bedoeld. Franse Kalksteen is inderdaad wit, in tegenstelling tot mergel dat geel van een kleur is en totaal ongeschikt is voor vloeren. Mergel verpulvert meteen als men erop zou lopen. De kalksteen uit Noord-Frankrijk wordt marmer genoemd en wordt nog steeds gebruikt voor vloeren en schoorsteenmantels, maar ook voor beeldhouwwerk. Dezelfde kalksteen werd ook gebruikt voor de sarcofaag van St.Willibrord die 'van marmer' genoemd werd. Het is een belangrijk detail dat zich onmogelijk in Nederland laat plaatsen, maar in Noordwest Frankrijk precies past! Het "Maison du Marbre" in Rinxent, ten noorden van Boulogne, verschaft de bezoekers informatie over winning en toepassingen van de witte kalksteen die hier gewonnen wordt. #) LET OP: Rin-x-ent: het einde van de Rin, de Rhenus!!!!! *) LET OP: de Rijn stroomt nergens in Zuid-Limburg langs de mergelgroeven. "Gemakshalve" werd Renus hier door Byvanck "vertaald" met Maas. Hetzelfde zien we bij W.A. van Es, die Renus enkele keren "vertaalt" met Waal, omdat Rijn of Maas niet klopt met de rest van de tekst. Waar de Renus in zee uitstroomt is ook al niet in Zuid-Limburg, maar in de traditionele opvatting bij Katwijk. Bij Katwijk vind je zowiezo geen enkele steensoort, slechts zand en strand. Het is dan ook volkomen onbegrijpelijk hoe de traditionele geschiedenis bij deze locaties komt. En veel historici hebben deze interpretatie klakkeloos gevolgd. Dat is nog onbegrijpelijker. Het meest onbegrijpelijk is dat degene die deze locatie ter discussie stelt en op de onlogica wijst, voor een "fantast" werd uitgemaakt. |
De visie van Albert Delahaye. Het Nederlandse grondgebied heeft voor de Romeinen nooit iets voorgesteld, of, om het met de woorden van archeoloog Dr.W.A.van Es te zeggen: "Romeins Nederland is nimmer de eer van een colonia waardig geacht!" Romeins Nederland is allerminst van internationale allure geweest. Een Romeinse colonia is Nederland ook nooit geweest, sterker, nergens vind je bij de Romeinse klassieke schrijvers een beschrijving van Romeins Nederland. Slechts de term "Agri Decumates" (Tacitus) is op het Nederlandse gebied van toepassing. De plaatsing van dè Romeinse "Limes" (Germanicus) langs de Rijn in Nederland is net zo absurd als het plaatsen van de taalgrens in Nederland langs de grote rivieren. De taalgrens geeft dan ook haarfijn aan waar de "Limes Germanicus" gezocht moet worden, namelijk op de grens van Gallia en Germania. Let wel: het Germania van Tacitus en dat is zeker niet het huidige Duitsland. Wat moeten we ons van Romeins Nederland voorstellen? De Rijn was geen verdedigingsgrens tegen invallen van Germaanse volkeren, maar slechts een bewaakte transportroute! Zie ARCHEObrief. ![]() Gentse professor in de Romeinse archeologie bewijst het gelijk van Albert Delahaye. Prof. Hugo Thoen: "Ik zoek al vijftig jaar naar bewijzen van Caesars aanwezigheid in België, maar heb nooit iets gevonden!" Het is natuurlijk de grootste zotternij aller tijden dat Caesar, die aantoonbaar nooit boven de lijn Boulogne-Trier is geweest, zijn basis voor de aanval op Engeland, in de Nederlandse Betuwe zou hebben gelegd, in plaats van op de plek "waar je de overkant kunt zien" en welke plaats momenteel nog de naam draagt "Camp de César". Aanvaarding van dit ene argument kegelt de hele Nederlandse traditie omver. Vandaar dat historici zich zo stug blijven vastbijten in die traditie. Immers zij doorzien levensgroot alle consequenties. Dan is immers de Betuwe niet "Het Eiland van de Bataven", dan is de Rijn niet "de Renus" en dan gaat de hele Peutingerkaart niet over Nederland, maar over Noord-Frankrijk. Inclusief het Trajectum van St.Willibrord, het Dorestadum waar de Noormannen plunderden en het Noviomagus van Karel de Grote. Het is natuurlijk eenzelfde zotheid om de woonplaats van de Menapiërs in midden Nederland te plaatsen (Byvanck en vele historici die hem naschreven doen dat), terwijl hun hoofdstad Cassel (Castellum Menapiorum) in Noordwest-Frankrijk ligt. Plaats men de Menapiërs in de juiste streek, dan volgen de Bataven, die immers hun buren waren, ook naar Noord-west-Frankrijk. Dan moet ook daar de Romeinse Renus gezocht worden, die uitstroomde in de Oceaan op de plaats waar men de overkant kan zien. Een beperkte Romeinse aanwezigheid in Nederland wordt door Albert Delahaye allerminst ontkent: de Romeinen zijn zeker in Nederland geweest. Maar het is een onbewezen en eenvoudig te weerleggen aanname dat de plaatsen van de Peutingerkaart die in de Patavia worden genoemd, op Nederland betrekking zouden hebben. Alleen van Romeins Utrecht is de naam met zekerheid door opgravingen vastgesteld. Die naam was Albiobola. Daarmee wordt onweerlegbaar de mythe weersproken dat Utrecht het Romeinse Trajectum zou zijn geweest. Tevens wordt weerlegd dat Utrecht het Trajectum van St.Willibrord zou zijn geweest. Romeins Utrecht heette Albiobola of Colonia Albiobola Batavorum. Van geen enkele andere plaats in het Nederlandse rivierengebied is de Romeinse naam met zekerheid bekend. Wellicht dat Vechten Fectio geheten heeft, maar Fectio staat evenmin als Albiobola op de Peutingerkaart. Alle andere traditionele identificaties van Lugdunum tot Noviomagus, zijn aannames op grond van foutieve veronderstellingen. Van geen enkele plaats is de naam met zekerheid vastgesteld, ook van Nijmegen niet, dat zich graag siert met de antieke naam van Noyon: Noviomagus. Drie sprekende voorbeelden van de onlogische Nederlandse traditie: de veldtocht van Drusus, de veldtocht van Germanicus en het kanaal van Corbulo (klik op de naam voor de betreffende informatie). Romeins Noviomagus en Karolingisch Noviomagus was één en dezelfde plaats. Daar zijn alle historici het altijd over eens geweest en daar is men het nog steeds over eens. Dat is ook geen enkel punt van discussie, ook voor Albert Delahaye niet. Nu van het Karolingische Noviomagus is aangetoond dat het NIET Nijmegen was, dan is Nijmegen evenmin het Romeinse Noviomagus! En dan gaat de Peutingerkaart ook niet over Nederland. ![]() Het op de kaart hierboven (detail van de Peutingerkaart) afgebeelde Noviomagi zou Nijmegen zijn. Het opschrift FRANCIA op dit deel van de kaart, spreekt deze traditie radikaal tegen. Tevens zou, als dit Noviomagus Nijmegen zou zijn, Nijmegen aan de verkeerde kant van de Waal liggen. Immers de afgebeelde rivier ten zuiden van Nijmegen is de Patabus (volgens de Nederlandse traditie zou dit de Waal zijn). De Waal is een afsplitsing van de Rijn, wat de kaart ook duidelijk niet aantoont. Aan de overkant van die Patabus ligt onmiskenbaar Noord Frankrijk met o.a. de plaats Baca Conervio (is Bavay). De uitgesproken twijfel of deze kaart hier wel een strookje van Nederland toont, is lange tijd door historici weerlegt met als enige argument "wie anders beweert verkondigt baarlijke nonsens". Het is nog steeds het enige argument in de traditie van Romeins Nederland. Dat die traditie nog geen 60 jaar bestaat en nooit eenduidig was, wordt steeds verzwegen. |