Terug naar de beginpagina.
Het Bronnenboek van Nijmegen weerlegt de Karolingische geschiedenis van Nederland.
Naar het overzicht in het kort.

Mythen rondom St.Willibrord in Utrecht en St.Bonifatius in Dokkum. Deel 6.

Klik op de afbeelding voor een vergroting.

zijn Met betrekking tot de liturgische verering van Willibrord is er iets vreemds aan de hand. In een beroemd eind dertiende-eeuws Utrechts handschrift als het Prosarium no. 417 (uit het bezit van de Utrechtse Mariakerk) zijn vele sequensen van heiligen opgenomen. Het is frappant dat Willibrord, als grondlegger van het bisdom en andere Utrechtse heiligen zoals Bonifatius, Radboud en Lebuinus geen eigen sequens hebben en andere, minder belangrijke heiligen wèl! Aan onze nationale heilige is slechts één sequens gewijd in een vijftiende-eeuws handschrift uit Den Bosch.

Willibrord zou 44 jaar bisschop van Utrecht zijn geweest. Van zijn verblijf (of van zijn gevolg!) is niets teruggevonden in Utrecht. Geen kerk, geen bewoning in de 8e eeuw, maar ook geen geschriften. Alles wat wij over St.Willibrord weten staat in Franse bronnen. Geen enkele kerk in Utrecht of in Friesland heeft vanouds (vóór 1559) het patronaat van St.Willibrord (of van Bonifatius!). De oudste Willibrorduskerken van Nederland (in Noord-Brabant) zijn gesticht vanuit België (Tongerlo). In Utrecht of Friesland bestaat geen plaats, geen kerk, geen feest, geen traditie of legende, die vanouds aan deze apostel herinnert. Onze voorouders zijn niet onattent geweest, maar wisten wel degelijk dat Willibrord er niet thuis hoorde.

«vorige volgende»


Deze tien Citaten uit '2000 jaar Utrecht' spreken de traditionele opvattingen tegen en zijn nog uit te breiden met talloze andere opmerkingen en bevindingen, die ook in de Jaarboeken van Oud-Utrecht te lezen zijn. Uit een korte inventarisatie blijkt dat Reinder Blijstra liefst naar 462 noten in de literatuuropgave verwijst. Het zijn dus niet zomaar wat losse beweringen, maar gestoeld op gedegen en zeer uitgebreid onderzoek.
Tussen 275 en 925 is de bodem van Utrecht vooral herkenbaar aan een dik pakket klei. Continuïteit is zeer onzeker en komt niet overeen met de aangenomen geschiedenis. "Onder de stadskern van Utrecht bevindt zich een ruim 5 meter dik, kunstmatig opgebracht lagencomplex (zonder aanmerkelijke vondsten)". Door wie is dit lagencomplex opgebracht? Door de mens of door langdurige overstromingen, aangezien het uit lagen bestaat?

De belangrijkste conclusie uit deze en de vorige sheet is dat na de Romeinse tijd tot de tiende eeuw in Utrecht geen bewoning aantoonbaar is. Dat wordt ook bevestigd in andere literatuur, zoals in "De bodem van Utrecht" (Stichting voor Bodemkartering,1966).

Terug naar het hoofdstuk over Willibrord en Bonifatius.
Terug naar de beginpagina.
Het Bronnenboek van Nijmegen weerlegt de Karolingische geschiedenis van Nederland.
Naar het overzicht in het kort.