Het zijn vooral de Duitse histoici geweest die de geschiedenis van de Germanen naar Duitsland trokken, te beginnen met het mistverstaan van Germania van Tacitus. De Nederlandse historici waren niet kritisch genoeg en volgden de Duitse opvattingen klakkeloos. Men was verblind door de 12de eeuwse burcht van Barbarossa die tot in de 18de eeuw als overtuigend bewijs van Karolingisch Nijmegen werd gezien.
Toch was A.W.Byvanck wel enigszins kritisch toen hij opmerkte "Het is intussen wel zeer merkwaardig dat de Romeinse heerschappij en de langdurige oorlogen zo uiterst weinig sporen in het eigenlijke Germanië hebben achtergelaten. Voor de beschaving van het land schijnen de jaren van Drusus tot Germanicus welhaast zonder betekenis te zijn geweest.".
Was het ook niet verwonderlijk dat juist een Duitse archivaris uit Kleef Friedrich Gorissen de Stede-atlas van Nijmegen schreef? Ook Gorissen ging uit van het bestaan van de palts van Karel de Grote in Nijmegen, een opvatting die nog nooit met feiten bewezen was.
|
Het misverstaan van de Renus is de ruggengraat van de historische mythen.
Het Romeinse Renus was geen eigennaam, maar de algemene naam voor een grensrivier.
De Schelde was ook een grensrivier, wat de naam Scaldis (=scheiding) ook letterlijk betekent.
De grondfout die aan de basis ligt van de Nederlandse opvattingen is de gedachte dat 'de klassieke renus' de Duits/Nederlandse Rijn zou zijn. In Nederland (en Duitsland) worden alle teksten die de renus vermelden op de Rijn toegepast. Dat er dan te vaak van de context niet veel meer klopt, wordt als een fout van de schrijver van de tekst gezien. Niet de tekst was fout, maar de opvattingen van de historici.
Zo schreef A.W.Byvanck ondermeer (wat door anderen, zoals Stolte en Bogaers, klakkeloos werd overgenomen en ook zij legden de verwarring bij de klassieke schrijvers en niet bij hun eigen opvattingen):
Julius Caesar "was niet goed op de hoogte" en geeft "een vrij verwarde passage" over de rivieren Maas en Rijn.
Strabo schreef tamelijk vaag en verward.
Tacitus geeft "een enigszins verwrongen verhaal wat niet altijd duidelijk is. Men kan zijn verhaal maar ongeveer verklaren".
Over Pomponius Mela is altijd enige verwarring bij zijn berichten.
De berichten van Plinius zijn merkwaardig en geven moeilijkheden. Er is niet altijd duidelijk wat hij met Germania bedoeld.
In de gegevens van Ptolemeus moeten allerlei fouten schuilen.
Vellius Paterculus geeft "een niet altijd duidelijk verslag".
De Peutingerkaart plaatst ons voor eigenaardige moeilijkheden. In de getallen moeten blijkbaar fouten schuilen.
Byvanck kan de Nederlands/Duitse traditie alleen verklaren door de klassieke schrijvers onbetrouwbaar te noemen.
Kaartje hiernaast (fig.5, p.91) uit 'Nederland in den Romeinschen tijd' van A.W.Byvanck. Kliik op het kaartje voor een vergroting.
Het beeld is kompleet vals en het hele boek van Byvanck dient ook meer als een curiosum beschouwd te worden. Maar een curiosum moet, zoals Albert Delahaye stelde, niet opzij gelegd maar eens zorgvuldig bestudeerd worden.
|